Pianist Trifonov en dirigent Shani vormen adembenemend duo in Brahms

Rotterdams Philharmonisch Orkest o.l.v. Lahav Shani, m.m.v Daniil Trifonov, piano. Werken van Schoenberg (Verklärte Nacht opus 4) en Brahms (Pianoconcert nr 2 in bes opus 83). Gehoord: De Doelen, Rotterdam, 21 mei 2026

Door Willem Boone

 

Ooit ‘afschuwelijk modern’

De avond begon op dramatische wijze met Schönbergs Verklärte Nacht voor alleen strijkers. Lahav Shani dirigeerde dit uit zijn hoofd en wist meteen de strijkersklank te modelleren: vol en intens. Hij deed wat hij later op de avond ook in de begeleiding van het Tweede pianoconcert van Brahms zou doen: de strijkers als één laten klinken. Hij liet het rusteloze, smachtende karakter van de muziek goed uitkomen. Hij bereikte een goed evenwicht tussen de hoogromantische, koortsachtige sfeer en intieme momenten, zoals solo’s voor de eerste violist en solocellist. Het was mooi om te horen hoe de verlossing na alle heftige, voorafgaande momenten vorm kreeg. Prachtig waren aan het eind de pizzicati van de lage strijkers, tegenover het wegstervende pianissimo van de hoge strijkers. Al luisterend naar dit zeer beluisterbare opus van Schönberg kan je je al helemaal niet voorstellen dat de heren van de Wiener Tonklerverein aan wie zijn leraar en toekomstige vader Alexander von Zemlinsky de partituur overhandigde het stuk ‘afschuwelijk modern’ vonden. Zoals in de programmatoelichting te lezen stond, wist men toen nog niet hoeveel moeilijker Schönbergs muziek later nog zou worden…

 

 

Slanke Brahms

Het Tweede Pianoconcert van Brahms begon onder de beste auspiciën met een zuivere hoornsolo, daar waar dit bij mindere orkesten nog wel eens (direct) fout kan gaan. Solist Daniil Trifonov speelde zijn eerste inzet met een bronzen klank, die gelukkig niet te hard werd.  In tegenstelling tot eerdere optredens van deze meesterpianist viel op dat hij minder gekromd aan de vleugel zat. Dat deed eerder het ergste voor zijn rug vrezen. Hij zat nu veelal rechtop en bewoog niet meer dan nodig was. Ook in pianistisch opzicht blonk zijn musiceren uit door ontspanning en een elastische klank. Hij nam de soms zeer verraderlijke loopjes in het eerste deel met gemak.  Daarin deed hij denken aan de betreurde Braziliaanse meester Nelson Freire, die dit concert overigens meermaals met hetzelfde orkest uitvoerde. Deze overleden collega had een hele bijzondere manier waarop hij Brahms speelde. Hij kwam niets aan kracht tekort (integendeel, als hij een forte speelde, dan trilde de zaal op haar grondvesten!), maar zijn Brahms was minder ‘zwaar op de hand’, ‘Teutoons’ dan je die vaak hoorde van oude meesters als Backhaus en Arrau, hoe indrukwekkend ook. Bij de Braziliaan was er altijd iets van licht in de beweging, alsof de zon scheen, wat Brahms enigszins paradoxaal de uitstraling van een ‘optimist’ verleende. Trifonov kwam met een soortgelijke benadering en gaf dit concert, een ware mastodont onder de pianoconcerten, een ‘slanke’ uitvoering die ondertussen volstrekt soeverein van karakter was. Zijn toucher was soms van een grote tederheid en zijn pianissimo bleef altijd ‘dragen’. Daarbij werd hij voorbeeldig door het orkest geholpen, onder leiding van een geïnspireerde Shani. In de orkestpartijen vielen tal van details op die je anders vrijwel niet hoort, zoals op de lage strijkers (contrabassen). Het tweede deel, Allegro appassionato, klinkt vaak uitermate grimmig, maar dat was nu minder het geval. Trifonov speelde hier nog meer dan in het eerste deel met een echt ‘Brahmsiaans’ toucher. Zijn onnadrukkelijke opvatting van de solopartij paste heel goed bij het karakter van dit en het Eerste pianoconcert: een sinfonia concertante waarbij de piano een weliswaar zeer lastige, maar geen overheersende rol vervult.

 

 

De beruchte passage in dubbeloctaven midden in het tweede deel klonk evenmin nadrukkelijk, bijna terloops. Shani had gelijk toen hij over deze solist zei dat hij je ‘anders naar muziek laat luisteren.’ Dat bleek al vier jaar geleden toen ze – midden in de pandemie voor een halflege zaal – het Eerste pianoconcert met al even indrukwekkend resultaat uitvoerden. Aan het eind van dit deel gebeurde het trouwens een paar keer dat de piano in de hitte van het betoog door het orkest overspeeld werd.

 

Adembenemend

De cellosolo aan het begin van het Andante was prachtig, evenals de klank van de blazers. Trifonov sloot daar voorbeeldig bij aan met een pianissimo dat als aan een draad boven de piano opgehangen leek. Bij iedere uitvoering van deze pianist komt wel een moment voor waarbij je adem stokt. Dat was er ook nu weer toen solist en orkest/dirigent elkaars fraseringen overnamen. Shani deed wat hij zo goed kan: het orkest laten begeleiden en spelen als één musicus in het uiterste pianissimo. Het was ronduit adembenemend en dat gold speciaal voor de lange uitgerekte lijnen van de klarinet. Zelden heb ik het slot zo horen spelen. Het Allegretto grazioso was met recht ‘grazioso’: wederom fors waar nodig, maar niet ‘slepend.’ Hier viel nog eens op hoe vrij het pianospel van Trifonov was. Als geheel leek dit Tweede pianoconcert korter dan normaal te duren, ik bespeurde bij mezelf een spijtgevoel: ‘Het is alweer voorbij’, terwijl het toch echt bijna vijftig minuten duurt!

 

 

Als toegift speelde de pianist een merkwaardig stuk dat nog het meest op een bossa nova leek, met een hoog improvisatorisch gehalte. Ik vond het niet helemaal de passende toegift na zo’n monumentale compositie, maar misschien was het voor de pianist de manier om spanning te ontladen. Dit pianoconcert van Brahms vraagt van een solist een enorme inspanning doordat hij steeds bijdragen moet leveren aan wat je bijna een ‘gevecht’ met het orkest zou kunnen noemen! Er hingen microfoons in de zaal, dus hopelijk is dit terug te beluisteren op Radio 4!

Willem Boone

 

 

Info:

https://www.rotterdamsphilharmonisch.nl

You May Also Like

Krachtvolle kennismaking met Eastmans Gay Guerilla

Uniek zangrecitals op Internationaal Lied Festival Zeist met o.a. uitsluitend Fins repertoire (2 recensies)

Warmbloedige Walküre bij Budapest Festival Orchestra

Amy Beach’ Keltische Symfonie maakt indruk bij Antwerp Symphony Orchestra