Donizetti’s opera Maria Stuarda

 

Door Leo Samama

Opera: Gaetano Donizetti: Maria Stuarda

M.m v. Aigul Akhmetshina (Elisabetha), Kristina Mkhitaryan (Maria Stuarda), Ismael Jordi (Leicester), Aleksei Kulagin (Giorgio Talbot), Silvia Sequeira (Anna Kennedy) en Simon Mechlinki (Lord Guiglielmo Cecil, het koor en danser van de Nationale Opera en Ballet,het Nederlands Kamerorkest o.l.v. Enrique Mazzola, met Jetske Minssen (regfie), Ben Bour (decor), Klaus Bruns (kostuums), Lilian Stillwell (choreografie) en Cor van der Brink (licht).

Gezien en gehoord: 15 mei 2023, Nationale Opera, Amsterdam

Deze maand staat bij de Nationale Opera en Ballet de tweede opera van Donizetti’s koninginnendrieluik, Maria Stuarda, op het programma. Een coproductie met het Palau de les Arts Reina Sofia in Valencia en het Teatro di San Carlo in Napels. Maria Stuarda is geen alledaagse kost in de operahuizen, maar desondanks ‘vintage’ Donizetti. Maria Stuarda is een indrukwekkende partituur voor een uitermate spannend verhaal, dat zich vrijwel geheel in de hoofden van de protagonisten Elisabeth I van Engeland en Mary, Queen of Scots, afspeelt. En tussen hen in bevindt zich Leicester, ook bekend als Robert Dudley, de eerste graaf van Leicester, op wie Elisabeth een oogje heeft, maar die zelf naar de hand van Mary dingt.

 

 

Met Maria Stuarda componeerde Donizetti eerder een ‘tragedia lyrica’ dan een bel canto-opera, en in die zin voldeed de Amsterdamse productie ook ten volle. De gehele opzet was gericht op drama, op een uiterste aan emotionele contrasten en krachtige personages die niet zelden tegen de klippen van het stevig bezette Nederlandse Kamerorkest leken op te zingen. Dit is niet op voorhand als kritiek bedoeld, al was soms het aantal decibellen dat de zangers produceerden contraproductief in een zo genuanceerde partituur als Donizetti met deze opera had afgeleverd. Immers heftige emoties hoeven niet luid te zijn zolang ze maar intens zijn. En omdat het decor in de eerste akte uit een smalle, taps toelopende gaanderij bestond, met aan het einde een grote houten dubbele deur, leek het geluid daartussen stevig te kaatsen en zo de zaal in gepropellerd te worden.

Zowel Aigul Akhmetshina als Elisabeth als Ismael Jordi als Leicester konden zich menigmaal niet beheersen, met als gevolg dat zij de meer intieme kanten van hun rollen te weinig lieten horen. Bij de jonge (25 jaar!) Akhmetshina kan dat nog als jeugdige overmoed worden aangemerkt, maar de dubbel zo oude Jordi zou beter moeten weten. Tenzij het de opvatting is van Enrique Mazzola, die als ervaren rot in het vak en chef van de Lyrical Opera in Chicago het NKO zo nu en dan wel erg stevig en messcherp uit de hoek liet komen. Ik denk niet dat Donizetti ooit die intentie heeft gehad. Want ondanks het door de componist spaarzaam gebruikte koor (dat in de 19e eeuw niet half zo groot zal zijn geweest), is Maria Stuarda met zes solisten in feite een kameropera.

 

 

De ster van de avond was zonder meer Kristina Mkhitarvan in de rol van Maria Stuarda. Zij liet horen dat de meest dramatisch momenten hun kracht juist krijgen doordat zij vanuit de stilte of als contrast met de stilte worden uitgedragen. Daardoor kreeg haar personage ook werkelijk karakter, in haar verlangens, haar dromen, haar waanzin, en haar woede. Zeer treffend is in deze productie ook de verbeelding van Elisabeth en Mary, met hun dromen en demonen, uitgebeeld door bijvoorbeeld een jongere Elisabeth met pop of door meerdere Mary’s. En knap was ook de eenvoud van het decor waardoor juist alle aandacht op de personages gericht bleef. Dat werkt wonderwel zelfs al wil het oog ook bevredigd worden, waarvoor een paar dansscènes, het prachtige achterdecor in de jachtscènes (met daarop een jachttafereel in oud-Franse stijl) en het koor van monniken in de derde acte zorg droegen.

Ik kijk uit naar de derde opera van deze triptiek, Roberto Devereux, in april 2024.

Leo Samama

 

Info:

https://www.operaballet.nl/de-nationale-opera/2022-2023/maria-stuarda

You May Also Like

Een korte impressie van de Dag van de Franse barok

Hamelin: onopvallende pianoreus

Surinaamse opera uit 1906 herklinkt in uitverkocht Concertgebouw

Een piano, contrabas, blokfluiten en een wedstrijd: Alba Rosa Viva!