Hannnes Minaar laat de Bösendorfer Imperial zingen in de Edesche Concertzaal

 

Live gehoord: 17 april 2021, Edesche Concertzaal, serie Classical at Home

Bij aankomst in de Edesche Concertzaal, staat Hannes Minnaar vrolijk en ontspannen te bladeren in de muziektijdschriften op de balie. Nog een uur en dan begint zijn livestream-recital in de serie Classical at Home, waarvoor de organisatie in samenwerking met ‘digitale geluidskunstenaar’ Jochem Geene van Studio van Schuppen de beste apparatuur heeft aangeschaft, teneinde de luisteraar thuis de illusie te bezorgen dat hij werkelijk bij het concert aanwezig is. ‘Beleef de muziek alsof je erbij bent!’ is dan ook geen holle frase. Kosten nog moeite zijn gespaard om de allerbeste opnamekwaliteit te verkrijgen (4K, Super Audio), zodat er Full HD vanachter het scherm genoten kan worden van het optreden van topmusici als Hannes Minnaar. In real time wel te verstaan, want de concerten in deze serie zijn enkel en alleen te bekijken op het moment dat ze plaatsvinden en daarna niet meer. Zodat de digitale concerten vanuit de Edesche Concertzaal zo dicht mogelijk ‘echte’ concerten benaderen. Wat mijzelf betreft zo lang de lock down duurt een geweldig concept, al zullen ook na de pandemie de live concerten in de Edesche Concertzaal op deze manier online gaan, maar enkel en alleen op het moment dat ze zich afspelen. Wie ziek is of anderszins verhinderd, hoeft zo nooit een concert te missen. En dat voor slechts 19,50 euro.

 

Terwijl technici de apparatuur klaarzetten en presentator Sander Zwiep,
bekend van de radio, nog even zijn teksten doorneemt, trekt Hannes Minnaar zijn nette pak aan. In de serene en fraai verlichte ruimte van de voormalige kerk aan de Amsterdamseweg 9 wordt het even voor 20.00 uur doodstil. Er wordt afgeteld – 9 seconden, 8, 7, 6, 5, 4… – en dan kan het muzikale feest beginnen. Zwiep leidt met flair en kennis van zaken de ‘nachtstukken’ in die Minnaar zal gaan spelen: 4 Nachtstücke, op. 23 van Schumann (verdrietige stukken die Schumann schreef terwijl zijn broer Eduard op sterven lag; hij raakte zo geobsedeerd door deze ‘Leichen stücke’, dat hij te laat kwam voor de begrafenis…), het vijfdelige, voor Hannes Minnaar geschreven Nox van Robert Zuidam, dat in 2021 in het Muziekgebouw aan ‘t IJ in première ging (een enerverende zoektocht door de mysterieuze wereld van slapeloosheid, nachtelijke demonen, angsten, onrust en serene dromenbeelden), Fauré’s pure eerste en dramatische laatste Nocturne uit resp. 1875 en 1921 (in hun ogenschijnlijke eenvoud schitterend van zeggingskracht) en Ravels driedelige Gaspard de la Nuit op gedichten van Aloysius Bertrand(‘een van de moeilijkste stukken voor pianosolo, handelend over de verleidelijke waternimf Ondine, een luguber galgtafereel en de angstaanjagende plaaggeest Scarbo; al met al niet een van Ravels vrolijkste werken, waarover hij zich afvroeg of hij ‘niet te ver was gegaan’…).

 

Dan loopt Minnaar naar de Bösendorfer Imperial, die hij met navoelbare verwondering vanaf de eerste noten benadert als een verkenner in klankmogelijkheden. Gewend als Minnaar is aan de Steinway, die in zijn flexibiliteit en veelzijdige kleurschakeringen wel iets wegheeft van een nerveus en wendbaar racepaard, ziet hij zich nu geconfronteerd met een soliede en sonoor dravend edel paard, dat in zijn betrouwbare en vastberaden klankmogelijkheden meer Duits dan Frans is, meer aards en sensueel dan spiritueel en af en toe opportunistisch.

Het moet een beetje aangevoeld hebben alsof je viool ineens als een altviool klinkt, en dat leverde zowel voor- als nadelen op. In Schumann zocht Minnaar naar emotionele, in elkaar overvloeiende opties, terwijl de vleugel hem dwong tot markante helderheid en een diep-sonore toonvorming. Het effect was dat zowel Schumanns hartverscheurende weemoed als zijn opstandige uitbarstingen van wanhoop en onrust indrukwekkend transparant tot de verbeelding gingen spreken, al leken de bekwame handen van Minnaar op zoek naar nog meer klankkleuren om het verdrietige verhaal van Schumann ‘vrijer’ te kunnen vertellen.

In zijn gedreven vertolking van Zuidams Nox leek het verkennen van de mogelijkheden van de grandioze Bösendorfer het veld geruimd te hebben voor het benutten van alle voorradige klankopties en sonoriteiten. Met zijn handen optimaal uit elkaar gezet op het 2.90 m lange instrument (met extra octaaf!), begon Minnaar aan zijn nachtelijke avontuur, waarin zowel flarden Messiaen als flarden Debussy en Ravel de revue passeerden en de muziek heen en weer pendelde van hectische visioenen naar sereen kringelende watergolfjes in de kosmos. De existentiële kernvraag ‘Who am I?’ werd door Minnaar met onnadrukkelijke virtuositeit en expressieve waarachtigheid verkend, terwijl het licht in de kerk steeds blauwer werd.

Minnaar en de Bösendorfer zaten volmaakt op een lijn in de sensitieve verklankingen van Fauré’s uitzonderlijk mooie Nocturnes, die dankzij de fraaie akoestiek als het ware bezit namen van de ruimte als geboetseerde structuren, dóór-resonerend op je huid, in je oren en in je hart (een lijfelijke ervaring, die je alleen maar kan hebben tijdens live concerten). Tot besluit waagde Minnaar zich zonder schroom aan het moeilijkste stuk van Ravel, waarbij de waternimf Ondine door de sensuele toonvorming van de Bösendorfer deed denken aan de wellustige vrouwen van Rubens. De donkerrode en bruine kleurschakeringen versterkten de sombere sfeertekening van Le Gibet, waarna de duivelse dwerg Scarbo het instrument tot wezensvreemde maar betoverende en fascinerende ‘grilligheden’ wist te bewegen, omdat uiteindelijk Minnaar het artistiek voor het zeggen had. Aan zijn bezielde en uitgebalanceerde overtuigingen valt niet te tornen, omdat ze zo oprecht zijn. Het was een prachtige avond.

 

Wenneke Savenije

 

Info: https://www.classicalathome.nl/concerts

Eerstvolgende concert: 24 april, 20.00 uur, Judith & Tineke Steenbrink spelen Bachs Sonates voor viool en klavecimbel.

Bestellen:

https://www.classicalathome.nl/concerts/judith-steenbrink-viool-en-tineke-steenbrink-klavecimbel-bachs-vioolsonates

You May Also Like

Vrolijke semiscenische operaparade met het Orkest van de 18e Eeuw en Mozart

Sexy Mozart-duo’s door Thomas Beijer en Nicolas van Poucke

Troubadours

Grosvenor en Soltani veel sterkere spelers dan Park en Ridout