Hommage aan Nodar Gabunia

Gehoord: 30 juli 2022, Van der Mandelezaal, Museum Prinsenhof, Delft Chamber Music Festival

Door Olga de Kort

Het programma van het Delft Chamber Music Festival brengt dit jaar enkele bijzondere hommages aan componisten die in Nederland zelden worden uitgevoerd. Een van de concerten op 30 juli jl. was gewijd aan de Georgische componist, pianist en muziekpedagoog Nodar Gabunia (1933-2000). Twee van zijn kamermuziekwerken werden gespeeld door zijn pianoleerlingen, Nino Gvetadze en Ketevan Badridze, terwijl zijn dochter Natalia Gabunia de vioolpartij in het Pianotrio voor haar rekening nam.

 

Het Pianotrio in F (1998) is Gabunia’s laatste werk, gecomponeerd in de tijd dat hij al ongeneeslijke ziekt was. Met deze achtergrondkennis kun je al die donkere en onrustige klankgolven die al vanaf het begin op je als luisteraar afkomen, natuurlijk niet negeren. Toch blijkt dit Pianotrio verre van neerslachtig, eerder strijdlustig, met doodsangst en onrust als slechts enkele van de vele emoties van de steeds opnieuw oplaaiende innerlijke strijd. Alle delen zijn op hun eigen manier krachtig en aangrijpend. Zo herinnerden de korte, stapsgewijs op- en aflopende melodieën van het Allegretto aan zandkorrels in de zandloper, die de resterende tijd onverstoorbaar aftellen. Indrukwekkend was de pianopartij met haar genadeloze klokslagen van de steeds door lopende tijd, waar niemand aan kan ontsnappen. In het Adagio tempo rubato vormde scherpe polyfonie van viool-en cellopartijen een klaaglied van dissonante en uitstervende zuchten, vervlochten met flarden van volksmelodieën.

 

De terugkerende onrust, oplaaiende wanhoop en de nog niet getemde strijdlust verschenen opnieuw in het Allegro inquieto, samen met de enerverende haastigheid van steeds herhalende motieven, scherpe pizzicato’s, stevige pianoakkoorden en de snijdende en langzamerhand dunner wordende klank van de strijkers. De laatste noten van dit indrukwekkende Pianotrio gingen over in een hartverwarmend applaus van het publiek voor musici én voor de componist, wiens partituur zijn dochter nog even hoog in de lucht hield.

Als muzikaal intermezzo tussen de contrastrijke werken van Nodar Gabunia speelde Nino Gvetadze Schuberts nostalgische Moment Musical nr.2 D 780, op. 94 (1828). Door haar poëtische voordracht, met mooi afgeronde lijnen en de ademende frasering, vormde dit zachte en gracieuze wiegenlied in het ritme van een barcarolle het verankerende punt van rust en evenwicht.

 

 

 

De daaropvolgende Sonate voor trompet, piano en percussie (1979) van Gabunia paste wonderbaarlijk goed bij Schubert. De langzaam in de verte afstervende noten van het Moment Musical leken op vervlogen herinneringen van weleer. Ook de eerste trompetklanken van Sergei Nakariakov kwamen als het ware van verre, uit het land van lang vervlogen herinneringen. Dit effect werd verder benadrukt door de trompetpassages, gespeeld richting de klankkast van de geopende vleugel. In combinatie met de boventonen leidde dat tot het ontstaan van klankgolven van oneindig lijkende echo’s, zoals in de bergen of in een grot. Deze weerklank mengde zich op zijn beurt met de klanken van de andere instrumenten. Triangel, xylofoon, bekken of een snel tromgeroffel, zoals in de scherpe Toccata, vormden bijzondere combinaties met trompet en piano en voegden net een extra laag aan intensiteit toe. In het laatste deel Molto sostenuto kwamen de herinneringen aan de eerste klanken van de Sonate weer terug. Ze groeiden vanuit de verte en brachten de rust en nostalgie van Schuberts Moment Musical met zich mee.

 

 

 

En zo was de cirkel rond, de cirkel van diep beladen klanken, grillige ritmes en herinneringen, die opgenomen werden in een waardige en betekenisvolle muzikale en menselijke hommage aan de Georgische componist.

Olga de Kort

Info:

Concerten Delft Chamber Music festival t/ 2 augustus, zie:

https://delftmusicfestival.nl/nl

You May Also Like

Klaus Mäkelä – een grote maestro met meer in petto

De soundtrack van een circusvoorstelling

Debussy van Jean Yves Thibaudet mist warmte

Verfijnd spel door koor en orkest Les Arts Florissants