over-dit-nummer-4-2021

‘Ik werd… aangevallen omdat ik pasticheur was, berispt voor het componeren van ‘eenvoudige’ muziek, beschuldigd van het verlaten van het ‘modernisme’, beschuldigd van het afzweren van mijn ‘echte Russische erfgoed’. Mensen die nog nooit van de originelen hadden gehoord of erom gaven, riepen ‘heiligschennis’: ‘De klassiekers zijn van ons. Laat de klassiekers met rust.’ Voor hen was en is mijn antwoord hetzelfde: u ‘respecteert’, maar ik heb lief.’ Aldus Igor Stravinsky (1882-1971) in Expositions and Developments uit 1962, het derde boek waarin Robert Craft en de componist zich uitvoerig met elkaar verstaan.           Ondanks dat liefhebben kon Stravinsky, die de geschiedenis inging als ‘een van de werkelijk baanbrekende vernieuwers van de muziek’, venijnig uit de hoek komen. Na een uitvoering van zijn Le Rossignol en Oedipus Rex tijdens het Holland Festival 1952, zette de componist in de Haagse Ridderzaal zonder pardon koningin Juliana voor schut, die hem beleefd liet weten dat ze zijn werk zeer bewonderde. Stravinsky reageerde laconiek: ‘En welk van mijn werken bewondert u, majesteit?’ Daar zal de koningin niet zo gauw een antwoord op hebben geweten, want geen enkele componist heeft zo’n divers oeuvre nagelaten als Stravinsky, die vijftig jaar geleden aan een hartaanval overleed. In dit nummer brengt De Nieuwe Muze een eerbetoon aan de Russisch-Amerikaanse componist, pianist en dirigent, wiens muziek in alle door hem beproefde stijlen te herkennen is aan sterke, onvoorspelbare ritmes en complexe samenklanken.

Wenneke Savenije

 

 

 

You May Also Like

over-dit-nummer-6-2021

over-dit-nummer-5-2021

over-dit-nummer-3-2021

over-dit-nummer-2-2021