Pires: ontroerend en ego-loos spel

Gehoord: Grote Pianisten, Concertgebouw Amsterdam, 2 oktober 2022

Door Willem Boone

Met Maria Joao Pires weet je het maar nooit: ze lijkt misschien minder grillig dan bepaalde collega’s, maar ook zij kan onvoorspelbaar zijn. Zo kondigde ze een aantal jaar geleden haar ‘afscheid’ aan en in het kader daarvan gaf ze in Nederland ook enkele ‘afscheidsconcerten’.  Daarna gaf ze toch sporadisch optredens, o.a. in Frankrijk en ineens was ze weer helemaal terug, niet alleen in de concertzalen, maar ook op diverse social media. Wat haar beweegredenen daarvoor zijn, is niet altijd even duidelijk. In sommige gevallen gaat het daarbij om uiterst prozaïsche redenen, zo gaf zelf een keer als verklaring dat ze ‘geld nodig had’. Daarnaast vertelde ze in interviews meer dan eens dat ze ‘de zenuwen van recitals kreeg’, maar gelukkig weerhoudt het haar er niet van om toch alleen het podium te betreden. Zolang ze dat zo mooi en gaaf blijft doen als op dit moment, kunnen muziekliefhebbers alleen maar in hun handen wrijven en zorgen dat ze erbij zijn.

 

 

Het recital dat ze in Amsterdam gaf, was al een paar keer uitgesteld, maar gisteren vond het gelukkig plaats, ook al had ze nog maar net een concert in Londen gecanceld vanwege haar onlangs door een struikelpartij geblesseerde linkerknie.  De Grote Zaal was stampvol, waaruit nog maar eens bleek hoe geliefd de kleine, frêle Portugese pianiste is. Daarnaast was de zaal geheel verduisterd, net zoals Richter en Sokolov dat geregeld deden en doen. Het zorgt ervoor dat je je optimaal op de muziek in plaats van op uiterlijkheden concentreert, waarschijnlijk geheel overeenkomstig de wensen van Pires. Zij lijkt in haar optreden wars van uiterlijk vertoon, alleen al uit de manier waarop zij het publiek bedankt blijkt haar bescheidenheid. Misschien is zij wel een van de meeste egoloze, beroemde pianisten van dit moment. Pires is erop gericht om uitsluitend de muziek te dienen. Ondertussen weet zij wel haar boodschap zonder omwegen over te brengen, zonder daarbij als uitvoerder een te duidelijk stempel op de muziek te drukken.  Dat doet zij met veel gevoel voor poëzie en een zangerige toon. Net als twee weken geleden toen zij in Amsterdam het Derde Pianoconcert van Beethoven uitvoerde, bleek dat haar toon weliswaar niet heel groot, maar wel kernachtig is, waardoor deze ook in de Grote Zaal overal goed te horen was. Doordat het zo donker was, wist zij de illusie van een intieme ruimte te creëren, waarbij iedereen getuige mocht zijn van iets heel moois. Zo zette zij direct de toon met Schuberts vriendelijke Sonate in A D 664. In het eerste deel was meteen haar fraaie legato spel te bewonderen en daarna zette zij vrijwel zonder onderbreking het tweede deel in. Daar toonde zij dat ze ook oog voor de diepzinnige kant van Schuberts muziek had. In het derde deel gaf zij de muziek zodanig gestalte dat deze vloeibaar leek te worden. Dat is een andere sterke kant van haar spel: het vermogen om een weerbarstig, percussief instrument als de piano zangerig te laten klinken. Alleen de allergrootste pianisten slagen daarin.

 

 

De Suite bergamasque van Debussy was een interessante keuze, omdat zij tot dusver weinig pianowerken van deze componist uitgevoerd heeft. De vele subtiele details die deze muziek rijk is, lijken echter goed bij haar spel te passen. Dat was bij vlagen dromerig, maar zonder in gezwijmel te vervallen. Het mooist klonk het bekendste deel uit deze suite, Clair de lune, dat glashelder van klank was. Haar kalme spel deed aan een volle maan denken die over een landschap schijnt. In de andere delen bereikte ze naar mijn idee niet helemaal dezelfde magie, maar haar spel is zo persoonlijk dat je graag meer Debussy van haar zou willen horen. Het is dus te hopen dat ze vaker pianowerken van Debussy tijdens haar recitals gaat spelen!

Na de pauze stond Beethovens sonate in C klein opus 111 op het programma, een monumentaal stuk dat zowel gepassioneerd (eerste deel) als diep menselijk (tweede deel) is. Pires heeft in vraaggesprekken nogal eens benadrukt dat ze ‘zeer kleine handen heeft’ en daardoor het nodige repertoire links moet laten liggen. Daarnaast zijn er stukken die weliswaar belastend voor haar zijn, maar die ze wel speelt, zoals bijvoorbeeld de Derde sonate en het Eerste pianoconcert van Chopin of de pianopartij van Beethovens Kreutzersonate. Deze uitdagingen weet zij met haar wilskracht toch te overwinnen en ik zou me kunnen voorstellen dat hetzelfde voor het eerste deel van bovengenoemde sonate, het Maestoso, allegro con brio et appassionato, geldt. Ze wist daar op haar manier de nodige kracht in te leggen, maar haar hoogste troeven speelde zij uit in de ontroerende Arietta. Al zou Beethoven alleen maar dit sdeel geschreven, dan nog zou hij tot de zeer grote componisten gerekend worden. Pires speelde deze muziek, waarbij alle vertoon en heroïek weggevallen is, alsof ze het publiek in vertrouwen toesprak. In de variaties onderstreepte ze duidelijk de opbouw, waarbij ze toewerkte naar de ‘jazzy’variatie waarbij Beethoven boogiewoogiemuziek avant la lettre schreef. Nog meer indruk maakte de daarop volgende variatie met de fluisterzachte pianissimo’s die je als luisteraar keer op keer rillingen bezorgen. Hoe zacht ook, ieder pianissimo van Pires had substantie. Tegen het eind van dit deel schrijft de componist akkoorden voor waaruit mededogen en tederheid spreekt en die kwamen prachtig naar voren. In de laatste bladzijden klonk het spel van de Portugese onverwacht krachtig en aan het eind liet zij de stilte, die zo magisch kan werken in een volle zaal, niet te lang duren.

 

 

Je kunt je afvragen of na zo’n monumentaal stuk een toegift nog wel op zijn plaats is. Wat kan je na het laatste woord van Beethovens laatste pianosonate – nog toevoegen? Nogal wat collega’s programmeren deze sonate aan het eind van hun recital en spelen dan geen toegiften meer, maar kennelijk deelt Pires die mening niet. Zij bracht het langzame deel uit de Pathétique van dezelfde componist. Hoewel het in dat deel om minder diepzinnige muziek gaat, is er wel sprake van een prachtige melodie, die de pianiste met haar vermogen om de piano te laten zingen, mooi gestalte gaf. Het is te hopen dat de Portugese zolang zij technisch nog zo gaaf speelt haar (hernieuwde) afscheid nog even uitstelt en het publiek blijft vergasten op recitals en concerten met orkest!

Willem Boone

Info:

https://www.mariajoaopires.com/home

https://www.concertgebouw.nl

You May Also Like

Klaus Mäkelä – een grote maestro met meer in petto

De soundtrack van een circusvoorstelling

Debussy van Jean Yves Thibaudet mist warmte

Verfijnd spel door koor en orkest Les Arts Florissants