Residentie Orkest Homogeen in Sibelius

RESIDENTIE ORKEST HOMOGEEN IN SIBELIUS

Valentijnsconcert, Residentie Orkest o.lv. Per-Otto Johansson, solist Niek Baar (viool). Gehoord: 14/2, Zuiderstrandtheater, Den Haag

Door Elger Niels

Met de drukke bouwwerkzaamheden aan het Spui nog altijd in volle gang, functioneert het Residentie Orkest al lange tijd zonder echte thuisbasis. Het Haagse publiek moet in de regel met de auto of het openbaar vervoer helemaal naar het Zuiderstrandtheater aan de Scheveningse haven.

Ook op Valentijnsdag 2020 toont het publiek zijn liefde voor het orkest. Want ondanks de stevige wind op deze avond blijkt bus 26 rond een uur of zeven al even vol als het parkeerterrein dat tussen de Scheveningse nieuwbouw en het Zuiderstrandtheater geklemd zit. Binnen geeft de jonge Nederlandse violist Niek Baar omstreeks die tijd al een interview bij wijze van concertinleiding. ‘Een echte charmeur’, hoorde ik een oudere dame geamuseerd zeggen.

Het Residentie Orkest opende zijn ’Valentijnsconcert’ met een parmantige vertolking van Griegs Noorse Dansen. Dirigent Per-Otto Johansson onderstreepte daarin het saloneske en zag af van volkse of boertige accenten, zodat de houtblazers hun kans schoon zagen om zich bijna Mozartiaans te manifesteren. Anno 2020 is dit orkest sterk afgeslankt door bezuinigingen binnen de sector, maar getuige dit concert heeft het homogeniteit en finesse weten te behouden.

In de wat droge akoestiek van het Zuiderstrandtheater is ieder detail nadrukkelijk hoorbaar. Dat viel des te sterker op tijdens de uitvoering van Vaughan-Williams’ ’The Lark Ascending’. Het orkest spande een klanksluier van lome akkoorden waar solist Niek Baar – Violinist stap voor stap verder bovenuit cirkelde. Naarmate het werk vorderde raakte het orkest onderling steeds dieper in balans, zodat de kleinste akkoordverschuivingen hoorbaar werden en de intrinsieke melancholie steeds intenser naar buiten trad terwijl Baars’ onbezoedelde viooltoon steeds hoger en onbezorgder daarboven rond fladderde.

In een werkelijk subliem pianissimo slaagde het allerlaatste orkestakkoord voordat de viool in de laatste maten volledig solo in het oneindige hemelblauw op ging. De violist oogstte terecht enthousiast applaus voor deze prachtige prestatie. Baar behoort zeker tot de veelbelovende talenten van zijn generatie. Na de pauze liet Beethovens Tweede Romance echter nog wel iets te wensen over in termen van muzikaal overwicht op momenten waarin de solist het orkest dynamisch nog verder had kunnen terugdringen. Mogelijk ook was de aandacht van instrumentalisten en dirigent eigenlijk al bij Sibelius’ Vijfde symfonie die als hors d’oeuvre op het programma stond.

Het pleidooi voor dat werk muntte wederom uit in homogeniteit. Het links en rechts op het podium opgestelde koper blies nergens de strijkers weg, zodat dit keer ook de kleinste pareltjes uit schatkamer van Sibelius’ orkestratie aan het licht kwamen. Enkel het magische akkoord vlak voor de ontknopende slotmaten van het tweede deel miste concentratie. Of misschien miste Johanssons slag juist hier eenduidigheid – hij gebruikt zijn handen om de gewenste klank zichtbaar te maken, maar vanwege zijn lichaamshouding ligt het werkelijke ijkpunt van zijn slag eerder rond zijn ellebogen.

Hoe dan ook, de fenomenale finale was een waar feest – en ook hier bleven de grote tutti dynamisch volledig in balans tot de door abrupte stiltes gescheiden slotakkoorden aan toe. Als Johansson extra zou hebben geoefend hoe hij een bijkans onhoorbare opmaat voor elk van die massieve akkoorden had kunnen geven, dan zou echt iedereen er kippenvel van hebben gekregen.

Elger Niels

U bent misschien ook geïnteresseerd in

Busch Trio speelt Schubert, Busch en Brahms integer en vol vuur

Energiek debuut van dirigent Alain Altinoglu bij Koninklijk Concertgebouworkest

Alexei Volodin vult Het Concertgebouw met massieve klankexplosies

Nelson Goerner: perfect in balans