Stefan Jackiw onstuimig virtuoos in Sibelius

Het Residentieorkest vertolkt dit weekend hun laatste concertprogramma voor 2022 in Amare en TivoliVredenburg. De 37 jarige Amerikaan Stefan Jackiw soleert in een uitgesproken vertolking van Jean Sibelius’ Vioolconcert. Chefdirigente Anja Bihlmaier leidt een ronkende Vijfde symfonie van Tsjaikovski. De première van Perasma van componiste Calliope Tsoupaki vervoert orkest en publiek.

Jean Sibelius wordt geroemd om zijn symfonieën, maar zijn wereldwijde bekendheid rust eerst en vooral op het Vioolconcert opus 47 dat hij aan het begin van de 20e eeuw componeerde. Het geldt vandaag als het meest gespeelde vioolconcert van de vorige eeuw. Afgelopen vrijdag, in Amare, vertelde de Amerikaanse violist Stefan Jackiw tijdens de concertinleiding over zijn fascinatie met dit concert. Hij leest het enerzijds als de strijd van een componist die zelf dolgraag vioolvirtuoos had willen worden en anderzijds als de eenzaamheid van het individu in een overweldigend natuurlandschap.

Precies zo vertolkte hij het gisteren ook. Vanaf het allereerste begin liet Jackiw zijn klank afsteken bij die van het orkest. Nu eens breekbaar, dan weer bits, nam hij in de strijd met de elementen enorme risico’s en werden snelle noten tot razende vaart opgedreven. Zowel qua intonatie als qua ritmiek was lang niet alles raak – maar het betoog boeide door extremen, door onstuimige virtuositeit en overmoed. Achteraf zou je jezelf kunnen afvragen of de belichting niet te eenzijdig was. Waar was bijvoorbeeld de lome, zomerse warmte in het tweede deel? Maar het publiek toonde zich overtuigd, want Jackiw daagde zijn luisteraars uit. Hij oogstte een ovationeel applaus dat hij beantwoordde met een evenzo persoonlijke, maar iets meer gebalanceerde solo van Bach.

 

 

De langdurige slotovatie van dit concert ging echter naar Anja Bihlmaier en haar krachtige pleidooi voor Tsjaikovski’s gelauwerde Vijfde symfonie. De chefdirigente liet het orkest daarin nadrukkelijk delen – in het bijzonder de na veertig jaar trouwe dienst vertrekkende violiste Janet Krause. Opmerkelijk in Bihlmaiers Tsjaikovski waren niet zozeer de snelle tempi, maar ook een wat straffe toets. De dirigente ging namelijk niet echt in op de verschillende klankcombinaties en -karakters die de tragische lading van de muziek bepalen. Individuele instrumentalisten en ook instrumentengroepen deden ontroerende dingen die misschien op meer ruimte en aandacht hadden mogen rekenen en zo juist extra hadden kunnen bijdragen tot het muzikale verhaal, zonder dat Bihlmaiers betoog nu zou zijn gaan slepen. Nu dat minder het geval was, verloor de symfonie vooral in de hoekdelen, ondanks alle vaart en dynamiek, wel het een en ander aan innerlijke motivatie en uiterlijke samenhang: de strijd tussen emotie en structuur maakt bij Tsjaikovski juist een enorme energie los, die een toegevoegde, doemvolle lading aan stapelende fortissmi geeft.

Waar Tsjaikovski’s partituur wereldbekend is en wijd en zijd ter inzage ligt, geldt dat niet voor Calliope Tsoupaki’s pas gecomponeerde korte orkestwerk Perasma dat op dit programma in première ging. Melodie en harmonie maken deze compositie uiterst toegankelijk. Het zich ontwikkelende klanklandschap, waar je tussen twijgen melodie door van de ene naar de andere oever waadt, werd door het orkest pakkend weergegeven. Wel vroeg ik me af of sommige motieven hun klemtoon niet eerder ‘dwingend’ bij de kop hadden moeten hebben, dan ‘comfortabel’ in het midden, maar die discussie raakt aan een gevaarlijk persoonlijke opvatting op basis van het allereerste gehoor – zonder enige kennis van de geschreven noten. Ik zou het effectvol georkestreerde werk in elk geval graag nog eens beluisteren – en me dunkt dat ik afgelopen vrijdag zeker niet de enige luisteraar was die er zo over dacht.

Elger Niels

 

You May Also Like

Debuut Teodor Currentzis bij KCO: A Match Made In Heaven.

Rondeau en Altstaedt laten barok tot de verbeelding spreken

Nederlands Kamerkoor brengt opperste vocale verrukking

Napolitana