Tianyi Lu’s enthousiaste Dvorak

Na een succesvolle samenwerking tussen dirigente Tianyi Lu en het Residentie Orkest in Dvoraks Negende symfonie in 2021, keerde de Nieuw-Zeelandse afgelopen weekeinde terug bij het orkest met Dvoraks Zevende.

Als opmaat tot het programma voor de pauze koos de dirigente afgelopen zondag het melodisch onschuldige, maar harmonisch provocatieve Andante quasi recitativo van Elfrida Andrée (1841-1929). Het korte werk balanceert stilistisch tussen Mendelssohn en Mahler. Een indruk die nog eens versterkt wordt door de bewerking voor strijkorkest en de opwaartse buigingen en ornamentatie van de melodielijn. Het Residentie Orkest hield er een warm pleidooi voor, waarbij de attente interactie tussen dirigent en musici meteen opviel.

Ook tijdens de vertolking van Elgars duistere Celloconcert volgde het orkest Lu gewillig en aandachtig. Het resulteerde in mooi samenspel met celliste Camille Thomas. Jammer genoeg wist de soliste niet de krachtige, dieprode klank te treffen, waarmee ze ook de verweerde hoeken van Elgars muziek had kunnen uitlichten. Gedragen door dirigent en orkest ontsluierde Thomas niettemin fraaie doorkijkjes in de meer ingetogen passages en oogstte daarvoor een ovationeel applaus, dat ze beantwoordde met een voor haar gecomponeerde Kaddish voor cellosolo. Dit Joodse gebed voor de doden droeg de celliste op aan de slachtoffers van het conflict het Midden-Oosten.

Dvoraks Zevende symfonie is weerbarstiger dan zijn Achtste of Negende. Toch zit er enorme energie in. De kunst is om die energie er niet actief uit te trekken, maar zichzelf te laten ontwikkelen. Onder Tianyi Lu reageerde het Residentie Orkest zo gretig dat de tempi toch iets gejaagd kregen en de dynamiek in luide passages onbedoeld schreeuwerig werd. De glasheldere akoestiek van Amare kan op zulke momenten ook minder genadig zijn. Dit te beteugelen vergt van een maestro bij alle enthousiasme, ook de innerlijke kalmte om in het vuur der strijd het grote geheel te overzien. Als deze begenadigde dirigente zichzelf daartoe nog zou weten te bewegen, valt alles op zijn plaats en krijgt deze muziek een natuurlijke zwaartekracht, die het elementaire onder het extraverte naar boven haalt, de tempo’s als lava voort stuwt en Dvoraks immense natuurtafereel van einder tot einder onthult.

Elger Niels

You May Also Like

Hannes Minnaar en Jan-Peter de Graaff schitteren in Luthéalconcert

Vilde Frang indrukwekkend in Eerste Vioolconcert van Sjostakovitsj

Ella van Poucke en Stephen Waarts lanceren nieuwe kamermuziekserie in De Duif

Hélène Grimaud: vaardig maar niet altijd verfijnd spel