Wereldpremière nieuw Altvioolconcert in Splendor

Concert: altvioolstudenten van Francien Schatborn

Gehoord 16/5, Splendor, Amsterdam

Door Wenneke Savenije

 

Muzikaal walhalla

Wat maakt Splendor tot zo’n unieke plek in Amsterdam? Waarom brengt Splendor mensen dichter bij de muziek? Splendor zelf geeft duidelijk antwoord op die vragen: ‘Midden in het centrum van Amsterdam, vind je Splendor: een club voor alle soorten muziek, verzonnen en opgericht door 50 topmusici en hun publiek. Splendor is een ontmoetingsplek, een clubhuis, een podium, een muzikaal laboratorium en nog veel meer. Splendor wordt mogelijk gemaakt door 50 musici, 1300 leden en 25 vrijwilligers.’

 

 

Splendor betekent hoop, experiment en heel veel liefde voor de muziek. De muziekclub ontstond in 2013 als een culturele vrijplaats waarin podiumkunstenaars onafhankelijk van overheid en politieke instanties kunst kunnen maken waarvan zij vinden dat mensen dat moeten kunnen zien, voelen en horen. Splendor, gehuisvest in het sfeervol verbouwde oude badhuis in de Nieuwe Uilenburgestraat 116 in Amsterdam, richt zich dan ook niet op één bepaalde muziekstijl. Het spectrum gaat van klassiek naar jazz en van westerse naar oosterse muziek. Musici en publiek komen dichter bij elkaar; ze gaan door dezelfde deur naar binnen en treffen elkaar in dezelfde bar. Naast concerten zijn er ook openbare repetities, masterclasses, workshops en activiteiten voor kinderen. Iedereen is welkom. Om dit alles te versterken kunnen de evenementen op ieder moment van de dag plaatsvinden. Het geheel wordt gefinancierd door de leden, die voor 120 euro per jaar gratis naar 50 ledenconcerten kunnen gaan. Splendor is een muzikaal walhalla voor musici, leden en concertbezoekers. Bijna dagelijks gebeuren er bijzondere dingen.

 

 

Verleden week woonde ik er een concert bij van de altvioolleerlingen van altvioliste en conservatorium docent Francien Schatborn, zelf van het begin af betrokken bij Splendor, en het was een feest. Waar ikzelf nu nog het angstzweet kan ruiken van de altvioolleerlingen die in de Bachzaal moesten spelen, was de sfeer in Splendor van het begin af aan vrolijk, bijna zorgeloos en ontspannen. Niet in de laatste plaats door Schatborn, die als een ware altvioolmoeder de optredens van haar leerlingen met enthousiasme en humor inleidde.

 

 

Het betere altvioolwerk

Jytte Balm speelde trefzeker en met elan Pensiero en Allegro Appassionato van Bridge, waarna de Marinha Campos met bloedserieuze toewijding Schumanns Adagio en Allegro uitvoerde. Later op de avond vertolkte ze fel en net iets te snel het openingsdeel uit de Solosonate op. 25 nr. 1 van Hindemith, de altvioolcomponist bij uitstek.

 

 

Vervolgens leefde Sunniva Skaug zich dapper en bevlogen uit in Telemanns Fantasie nr. 7 voor altviool solo en een bewerking van Beethovens Cellosonate, met Martijn Willers, de even betrouwbare als flexibele vaste begeleider van de altvioolklas, aan de piano.

 

 

Met gevoel voor sfeer en klankschoonheid speelde Ruth Bosboom Takemitsu’s A bird came down the Walk voor altviool solo, een stuk dat ik als voormalige altvioolstudent nog nooit eerder had gehoord.

 

 

Daarna trok Francisca Galante, die tot haar grote vreugde net is toegelaten tot de gelederen van het Concertgebouworkest, het toch al behoorlijk hoge niveau op naar een professioneel level met haar intens muzikale uitvoering van het Vivaceen Adagio uit de Sonata van Rebecca Clarke, gevolgd door twee persoonlijk gekleurde dansdelen uit Bachs Eerste cellosuite en Ligeti’s gecompliceerde solosonate Hora lunga, waarin de solist soms bewust vals moet spelen.

 

 

Ruth Bosboom en Lilian Haug ontroerden met Lament fort wo violas van Bridge, alweer zo ontwapenend mooi stuk dat zelden of nooit in de concertzaal wordt uitgevoerd.

 

 

Hoogtepunt van de avond

En toen volgde het onbetwiste hoogtepunt van de avond: de wereldpremière van Pedras quadradas, Árvores vermelhas (2020) van Guilleremo Lago (pseudoniem voor de saxofonist Willem van Merwijk).

 

 

Francien Schatborn hield een spontaan interviewtje met de componist, waarin hij over de ontstaansgeschiedenis van zijn concert vertelde: ‘De altviool is in de loop der jaren mijn favoriete strijkinstrument geworden, maar ik denk dat het al begon met het strijkkwartet van Ravel toen ik nog heel jong was. Begrijp me niet verkeerd: ik heb een diepe liefde voor alle strijkinstrumenten (en voor bijna alle instrumenten inclusief de menselijke stem) maar de altviool springt eruit. Vanwege zijn imperfectie? Of zijn bereik dat altijd in het lieflijke register ligt? Hoe dan ook: een soloconcert voor altviool schrijven was een lang gekoesterde wens. En toen ontmoette ik deze intelligente en geestige altviolist van het eiland Madeira, Rodrigo Teixeira de Freitas, toen hij mijn sessies volgde aan het Utrechts Conservatorium (over arrangeren.) We ontmoetten elkaar ook in de loop van dat jaar in Amsterdam waar hij speelde in het orkest dat mijn ‘Ríos’ voor klarinetkwartet en symfonieorkest in première bracht. Na een van de repetities reisden we samen terug naar huis en toen kwam het idee dat ik dit concerto voor hem zou schrijven om uit te voeren tijdens zijn laatste concert aan het Utrechts Conservatorium. We wisselden ideeën uit en toen vond ik hetvolgende gedicht van Herberto Helder de Olviera (1930-2015):

pedras quadradas, árvores vermelhas, atmosfera,

estou aqui para quê porquê e como?

e mal pergunto sei que morro todo entre pés e cabeça,

e restam apenas estas linhas como sinal do medo:

pó, poeira, poalha

 

 

 

In Merwijks eigen, volgens hemzelf ‘middelmatige’ vertaling:

vierkante stenen, rode bomen, sfeer,

Ik ben hier voor wat, waarom en hoe?

en zodra ik het vraag weet ik dat ik sterf, alles tussen voeten en hoofd,

en alleen deze lijnen blijven over als een teken van angst:

stof, stof, stof

Van Merwijk: ‘Net als Rodrigo komt Helder van het eiland Madeira en hij heeft ook een tijd in Nederland (en België) gewoond. Te veel toeval om te negeren: dit gedicht werd de hoeksteen van mijn concerto en gaf het zijn naam. Helaas sloeg in het jaar van Rodrigo’s eindexamen de Covid-pandemie toe en werden alle concerten en openbare optredens afgelast. Het is er dus nooit van gekomen om ‘zijn’ concerto in première te laten gaan. Maar in Splendor gaat mijn goede vriendin Elin Haver het concert nu alsnog in première brengen, waarbij een andere goede vriendin, Chi-Chun Chen, het leerlingenorkest van het Conservatorium van Amsterdam dirigeert.’

 

 

Aanwinst voor alle altviolisten

De verwachtingen waren hooggespannen en wat zich openbaarde was een prachtig nieuw altvioolconcert, waarin Elin Haver met een warme en diepe toon, groot enthousiasme en een overdonderende muzikaliteit het nieuwe werk glansrijk ten doop hield, in uitstekende samenspraak met Chi-Chun Chen en het leerlingenorkest. Wat een leuke en mooie muziek voor de qua repertoire nog altijd een beetje achtergestelde altviolisten! Het concert was ingenieus en serieus opgebouwd als een prachtige mix tussen typische altviool-melancholie, jazzy elementen en folkloristische passages, een beetje op de manier van Bartok, heel direct en niet pretentieus, maar wel uniek van sfeer en expressie, en ook nog eens goed speelbaar. Alle altviolisten mogen Van Merwijk al bij voorbaat dankbaar zijn met zo’n aantrekkelijk concert, waarin de altviool optimaal kan schitteren.

Wenneke Savenije

Info:

splendoramsterdam.com

Willem van Merwijk

You May Also Like

Pianist/dirigent Shani in dubbelrol in Prokofiev: muzikaal huzarenstukje van de hoogste orde

Top-amateurorkesten in Concertgebouw

Mäkelä en Lozakovich spelen Dubbelconcert van Brahms als kamermuziek

Philzuid brengt beschaafde Beethoven