Vijfde editie Strijkkwartet Biënnale tot nu toe groot succes

Strijkkwartet Biënnale Amsterdam (SQBA). Gehoord: 24–28 januari, Muziekgebouw en Bimhuis, Amsterdam.

Door Wenneke Savenije

 

Universele dromen

Laat alle mensen op aarde elke dag een strijkkwartet horen en de wereld zou er heel anders uitzien. Het strijkkwartet is niet alleen de mooiste, meest inspirerende en evenwichtige vorm in de klassieke muziek, het is ook een medium dat overwegend positieve energie verklankt, doordat het ‘goede’ en ‘slechte’ emoties (strijd, onrust, woede, wanhoop) weet te sublimeren tot iets moois en waardevols. In het strijkkwartet draait alles om liefde, verzoening, hoop, schoonheid, intelligentie, integriteit, intimiteit, samenwerking, empathie, geven en nemen, respect en toewijding. Zelfs voor mensen die niet in de ziel of een leven na de dood geloven, straalt het strijkkwartet in al haar hoedanigheden onmiskenbaar bezieling uit. Of het nu om een strijkkwartet van Mozart, Beethoven, Schumann, Szymanowski of Aftab Darvishi gaat, het strijkkwartet verklankt universele dromen, diepe gevoelens, grensoverschrijdende idealen en morele waarden op het hoogste niveau. Terwijl de wereld doordendert, er een Armada op Iran afkoerst, de natuur op bezwijken staat, het in Gaza nog steeds een ramp is en Trump elke dag wel iets nieuws verzint om de wereld op zijn kop te zetten, heerst in het Muziekgebouw een week lang vrede én tevredenheid over het kleurrijke aanbod op de jubileumeditie van de Strijkkwartet Biënnale, waarop meer dan 20 strijkkwartetten zo’n 50 concerten spelen, met bekende en onbekende strijkkwartetten, waaronder maar liefst 12 wereldpremières en 4 Nederlandse premières, masterclasses en talks. In vijf edities is de Strijkkwartet Biënnale uitgegroeid tot het grootste strijkkwartet-festival ter wereld.

 

 

Andreas Penning

Terecht werd op de openingsavond de Andreas Penning uitgereikt aan oprichtster en artistiek directeur Yasmin Hilberdink-Göker, die jaren geleden in Wenen in de ban raakte van het strijkkwartet: ‘Ik hoorde het Alban Berg Quartet Beethovens late strijkkwartetten spelen. Ik wist niets van Beethoven-cycli, maar na drie noten had ik kippenvel. Je hoeft geen geleerde te zijn om die muziek te begrijpen — je voelt het gewoon. Het strijkkwartet is klein, maar het omvat de hele wereld, Vier stemmen die gelijkwaardig zijn, zonder dirigent. Het is de puurste vorm van samenspelen. Je hoort elke ademhaling, elke spanning.’  Hilberdinks missie: ‘We willen het strijkkwartet levend houden: actueel, vernieuwend en van nu. Maar we willen ook de traditie in ere houden. De Biënnale is een plek waar musici en publiek elkaar ontmoeten, waar het strijkkwartet niet alleen gevierd wordt in al zijn schoonheid, maar waar ook de toekomst wordt vormgegeven.’ Die ontmoeting is volgens haar niet alleen belangrijk voor het publiek, maar ook voor de musici zelf: ‘Na hun studie reizen strijkkwartetten vaak jarenlang afzonderlijk de wereld over, elk met zijn eigen route, als schepen in de mist. Hier ontmoeten ze elkaar weer. Het Danish String Quartet, dat tot de absolute top behoort, bleef bij de vorige editie drie dagen langer om andere ensembles te horen. Een van de cellisten van het Doric Quartet zei: ‘We feel championed’ — we voelen ons gesteund en gewaardeerd. Dat vind ik misschien wel het mooiste compliment.’

 

 

Quator Arod

Al om tien half tien ’s ochtends luistert het publiek in de uitverkochte Kleine Zaal van het Muziekgebouw in de reeks Superromantische morgen aandachtig naar strijkkwartetten uit de 19e eeuw. Niet alleen om, zoals ooit Goethe, als een vlieg aan de muur te luisteren naar ‘een filosofisch gesprek tussen vier intelligente mensen.’ Maar vooral om ervan te genieten, de hersenen wakker te laten schudden, gevoelens te spiegelen en zich erover te verbazen dat vier individuele stemmen op magische wijze kunnen samenvloeien tot één instrument. Het strijkkwartet dwingt als het ware tot holistisch luisteren: je hoort het organisch ademende geheel en tegelijkertijd hoor je ook de afzonderlijke stemmen waaruit dat zich in de tijd voortbewegende geheel is opgebouwd. Het strijkkwartet verruimt de geest en opent het hart Op de Strijkkwartet Biennale Amsterdam (SBQA) draait alles om de gedeelde ervaringen van musici én publiek. Op de eerste Superromantische ochtend gebeurde er al meteen een wonder: het spectaculaire Franse Quator Arod, op dit moment misschien wel het beste jonge strijkkwartet ter wereld, speelde het onstuimige Eerste strijkkwartet van Tsjaikovski en het sensueel wiegende Lento uit Dvořáks Amerikaanse strijkkwartet met zoveel overgave, zo prachtig uitgebalanceerd en loepzuiver, zo muzikaal en gedreven, dat er hier en daar een traantje vloeide van ontroering. Niet door de vrieskou of omdat Tsjaikovski met zijn eersteling zelfs bij Tolstoi de tranen over de wangen deed biggelen, maar door de puurheid en de fenomenale inzet van deze extreem getalenteerde jonge musici, die instrumentaal en muzikaal voor het allerhoogste en meest sublieme gaan. Niet uit eerzucht of arrogantie, maar uit liefde voor verfijning en instrumentale ambachtelijkheid – er wordt keihard gewerkt, dat blijkt uit iedere noot – en uit passie voor de muziek. Geen detail ontsnapt aan de aandacht van dit strijkkwartet, alles klinkt zuiver en spatgelijk, geen frase wordt nonchalant vormgegeven. Melodieën en harmonieën stromen en glanzen binnen glashelder opgetrokken structuren dankzij de scherpzinnigheid en goudeerlijke betrokkenheid van de jonge musici. Om met Dvořák te spreken: ‘Een strijkkwartet verlangt de melodie van de ziel en de structuur van de geest.’ In The Strad verklaarde het Quator Arod: ‘Wij willen kamermuziek spelen alsof het om leven en dood gaat.’  Wat niet wegneemt dat de spelers ook gevoel voor humor hebben en al musicerend vaak naar elkaar glimlachen.

 

 

Openingsconcert

Als altijd begon het festival onder de noemer My first String Quartet met mini-optredens van jonge muzikantjes uit Het Leerorkest Amsterdam, waarvan de jongsten er vrolijk op los krasten en de ouderen al best aardig Haydn uitvoerden. Daarna speelde het Britse Belcea Quartet, dat al jaren doorgaat voor de top of the bill, een kwartet en kwintet van Mozart en de Nederlandse première van het aan hen opgedragen Strijkkwartet nr. 4 – ‘A little Book of Prayers’ van Brett Dean. De verwachtingen waren hoog gespannen, maar Mozart viel een beetje tegen. Het Dissonanten kwartet KV 465 klonk gemaniereerd, niet in de laatste plaats door een voortdurende golfbeweging van extreem panissimospel, dat aanzwol tot (mezzo) forte en dan weer afnam tot pianissimo, waardoor de muziek niet meer vrij kon ademen en stromen.

 

 

Dankzij het oer-organische spel van altvioliste Tabea Zimmermann, die het Belcea kwam versterken in Mozarts schitterende Strijkkwintet nr. 4 KV 516, kreeg de muziek na de pauze wel iets meer ruimte, maar ik kon de gedachte niet van me afzetten dat Mozart zelf de leden van het Belcea graag op zijn lievelingsdrank punch zou hebben willen tracteren om wat meer leven in de brouwerij te brengen. Brett Dean, geschreven als eerbetoon aan de onlangs overleden violiste en mede-oprichtster van het Belcea Laura Samuel, klonk overtuigender. Aansluitend opende het Spaanse Quarteto Casals de reeks Late Beethoven met een magistrale uitvoering van Beethovens Strijkkwartet nr. 13 op. 130, incusief de Cavatina en het originele slotdeel, de altijd weer verpletterende Grosse Fuge op. 133. Robuust, bevlogen en integer bracht het kwartet een doorleefde ode aan de diepgang en genialiteit van de late Beethoven.

 

 

 

Bach en Zinderende Strijkers

Op zondagochtend klonk een serene eredienst voor Bach, de bron van alle muziek na hem, in de vorm van een imposante uitvoering van de Kunst der Fuge door Quarteto Casals, nu met de tweede viool als gedreven pimarius. Bachs raadselachtige werk, dat in zijn abstractie de essentie van het leven lijkt te omvatten en tegelijktertijd het hemelse eert, werd met ontzag gespeeld, bijna rauw van intentie en ontdaan van ieder showelement. Het klonk prachtig. ’s Middags liet het Franse Quatuor Ébène haar instrumenten daadwerkelijk zinderen in drie inspirerende uitvoeringen van Beethovens ‘vroegere’ Strijkkwartetten op. 18 nr. 3, op. 95 nr. 11 en nr. 8 op. 59 nr. 2. De cello had af en toe misschien nog iets markanter gekund en de altvioliste en tweede violist nog iets indringender, maar dankzij het onweerstaanbare vuur waarmee de virtuoze en bloedmuzikale primarius Pierre Colombet opereerde ontstond er toch een ijzersterke flow waarin Beethoven uitstekend gedijde.

 

 

Met hetzelfde enthousiasme voerde Colombet na de pauze zowel zijn eigen kwartet als het nu spontaner musicerende Belcea aan in een duizelinwekkende en stralende uitvoering van Mendelssohns briljante Octet op. 29.

 

 

Dizu Plaatjes

Omdat Xandi van Dijk, de alviolist van het Duitse Signum Quaret, opgroeide in Zuid-Afrika, had dit gerenommeerde kwartet besloten om op zondagavond de aandacht te vestigen op hun betrokkenheid bij Zuid-Afrikaanse componisten die het apartheidsregime hebben overleefd. Dertig jaar nadat Mandela tijdens zijn inauguratie de woorden uitsprak ‘The time for healing of the wounds has come…’ speelde het Signum Quartet ontwapenend en betrokken muziek van Arnold van Wijk, Denise Onen, Abel Selaocoe en Ivy Priauix Rainier, waarna de in traditionele dracht gestoken Zuid-Afrikaanse muzikant Dizu Plaatjes een vermakelijke demonstratie gaf van de simpelste Zuid-Afrikaanse ‘instrumenten’ – gemaakt van stokjes, rietjes, kalebassen, tuinslangen en houten doosjes met kralen erin – waaruit hij met een verbluffend gemak aanstekelijke muziek tevoorschijn wist te toveren.

 

 

Zijn humor en relaxtheid hadden een weldadige uitwerking op het publiek en het Signum Quartet, zodat onder de aanvankelijk wat onhandige maar steeds enthosuiastere directie van violist Florian Donderer uiteindelijk de hele zaal meezong met een Afrikaanse ‘song’ ter viering van het leven. De dag werd besloten met een Late Beethoven door het Belcea Quartet, dat na een wat zwemmerige opening gaandeweg steeds meer affiniteit vertoonde met de complexe materie van Beethovens Strijkkwartet nr. 14 op. 131, het lievelingswerk van de componist, dat door zijn complexiteit en diepgang vaak wordt vaak aangeduid als de Mount Everest onder zijn late strijkwartetten. Toch was het de Cavatina uit zijn Strijkkwartet nr. 13 op. 130, waarover Beethoven zelf verlaarde dat het zijn enige stuk was waarom hij zelf moest huilen. Voeg daarbij de magistrale Grosse Fuge uit datzelfde kwartet, op.131, en de muziek reikt door zijn alles omvattende menselijkheid wat mij betreft nóg hoger, regelrecht de kosmos in.

 

 

Irans rijke muzikale erfgoed

Nadat Quator Arod ’s ochtends vroeg alle zintuigen op scherp had gezet, gaf Alina Ibragimova van het op authentieke instrumenten musicerende Chiaroscuro Quarett de verrassend goed spelende jonge music van het Fontana Quartet tijdens haar masterclass instructies hoe ze het Derde strijkkwartet van Schumann, handelend over zijn hartstochtelijke liefde voor Clara, nóg beter zouden kunnen aanpakken. Waar gaat deze muziek over?”, vroeg Ibragimova aan de prijswinnaars van het Kersjes strijkkwartetstipendium.’Over de liefde!’. ‘Maar wat voor een liefde?’ vroeg de violiste door, die zich liet assisteren door Charlotte Saluste-Bridoux, de dartele tweede violiste van haar eigen kwartet. Met humor en kennis van zaken slaagden beide dames erin het Fontana Kwartet duidelijk te maken dat elke noot een verhaal moet vertellen. Tijdens het middagconcert vond er opnieuw een waar wonder plaats tijdens het prachtig geprogrammeerde concert van het jonge Nederlandse Animato Kwartet en de Iraanse Tanbur-speelster Khorshid Dadbeh.

 

 

Het strijkkwartet was op het lumineuze idee gekomen om het gloednieuwe When the Sky Burns Red voor strijkkwartet en tanbur van de Iraans-Nederlandse componiste Aftab Darvishi te combineren met arrangementen van de madrigalen voor zangstemmen van Monteverdi, Ainsi le nuit van Henri Dutilleux en Tenebrae van Osvaldo Golijov, muziek die de wereldpremière van Darvishi’s indringende en heftige, maar ook tedere en poëtische stuk liefdevol omarmden. Zoals meer jonge kwartetten op de Biënnale, voerde het Animato Kwartet al deze werken staande uit, waarbij alleen de cellist en de tanbur-speelster noodgedwongen zaten. Monteverdi’s madrigalen ‘zongen’ sereen, in Dutilleuxs nachtelijke universum bewoog het kwartet zich in mysterieuze, flitsende, fluisterende en schrijnende klanken gracieus tussen hemel en aarde heen en weer, waarna de fascinerende muzikale reis werd afgesloten met de barokke baslijnen van Golijovs sfeervolle Tenebrae.         

 

 

s Avonds klonken drie krachtig, dynamisch en enerverend vertolkte vroege strijkkwartetten van Sjostakovitsj door het Cuarteto Casals, dat op 9 januari j.l. het laatste album uitbracht van haar complete opname van alle 15 strijkkwartetten van Sjostakovitsj op Harmonia Mundi. Het op darm spelende Chiaroscuro Quartet nam Beethovens late Strijkkwartet nr. 12 op. 127 voor haar rekening, dat dankzij pregnante articulaties en fltsende tempi wel spannend overkwam,  maar ondanks veelvuldig gestem tussen de delen (darmsnaren onstemmen nu eenmaal snel) ook behoorlijk onzuiver. Indrukwekkender klonk het stuk waarmee Beethoven werd ingeleid: de Chromatische Fantasie van Sweelinck in een ingenieus arrangement voor strijkkwartet, waarvan primarius Ibragimova en haar gevolg een duizelingwekkende uitvoering gaven. Een dag later speelde het Chiaroscuro Quartet Mozart met de veelzijdige en altijd weer inspireerde Olga Pashchenko op fortepiano, maar dat concert kon ik helaas niet bijzijn.

 

 

Een flat met duizend ramen

Op de derde dag van de Strijkkwartet Biënnale heb ik niet alles gehoord, maar wat ik kon bijwonen was opnieuw heel bijzonder. Aan het eind van de ochtend vond in het Bimhuis de wereldpremière plaats van Part 1 van de theatrale miniserie Een flat met duizend ramen, bedacht door de nog in Engeland studerende Nederlandse componist Primo Ish-Hurwitz (2001). Eerder trok hij al de aandacht met zijn multimediaproject Toonzetters, waarin hij twintig componisten van de nieuwe generatie combineerde met bijzonder filmmateriaal. In de zes afleveringen van zijn nieuwe project laat Ish-Hurwitz zes hedendaagse componisten – Richard Ayres, Frieda Gustavs, Hanna Kulenty, Jan-Peter de Graaff, Boris Bezemer en hijzelf- muzikaal reageren op de 6 Strijkkwartetten op. 20 van Haydn.

 

 

De muziek wordt uitgevoerd door het Chaos String Quartet uit Wenen, terwijl de droogkomische en door de wol geverfde actrice Ariane Schluter de luisteraars per aflevering meeneemt in ontwapenende, ontroerende en humoristische verhalen van schrijfster Joke van Leeuwen, die geïnspireerd zijn door de zes Haydn-kwartetten, welke op hun beurt worden onderbroken door de hedendaagse klanken waarin de zes moderne componisten op Haydn reageren. Het bleek een fantastische formule, waarin alle elementen elkaar versterken: de inventieve en speelse Haydn verliest zijn pruik en ondergaat een ‘verjongingskuur’, de moderne composities worden direct toegankelijk doordat ze dialogen voeren met Haydn en gekoppeld worden aan een prachtig verhaal, en de geestige teksten van Van Leeuwen plaatsen het geheel in een herkenbare belevingswereld. Schitterend!

 

 

Martinu, Bach en Mozart

Het Pavel Haas Quartet uit Praag deed ’s middags zijn spectaculaire intrede op het festival met drie Strijkkwartetten(nrs. 3, 5 en 7) van de Tsjechische componist Bohuslav Martinu, die in wervelende vaart zo aanstekelijk, dynamisch, ritmisch pregnant en vurig werden gespeeld, dat Martinu’s op de Tsjechische folklore geïnspireerde muziek overduidelijk opborrelde uit de genen van deze Tsjechische musici. Hun duizelingwekkende muzikaliteit wekte associaties met die vrolijke cirusacrobaten uit Midden-Europa, die met onuitputtelijke energie salto’s door de lucht maken en levende piramides vormen. Uit hun vingervlugheid en flitsende streken viel op te maken dat de leden van het Pavel Haas Quartet zijn opgegroeid met de vioolmethode van Otakar Ševčík (1852-1934), die het in zijn nog altijd gebruikte leerboeken met meedogenloze, zich eindeloos herhalende vinger- en streekoefeningen, aanstuurde op ongeëvenaarde technische controle. Het was hoe dan ook een waanzinnig goed concert.

 

 

Daarna maakte het Duitse Malion Quartett zijn sympathieke debuut in de Strijkkwartet Biënnale met een vanuit Bach opgebouwd programma, waarin eerst zes door Mozart bewerkte fuga’s uit Das Wohltemperiertes Klavier klonken, gevolgd door Mozarts vroege Strijkkwartet nr. 8 KV 168 waarin de componist zich door Bachs fuga’s liet inspireren. Tot besluit speelde het Malion Quartett het Strijkkwartet nr. 9 van Sjostakovitsj, dat eindigt in een furieuze fuga.        

 

 

Leonkoro en Ensemble Klang

Opnieuw klonk Schumanns muzikale ode aan zijn Clara, nu in het Superromantische morgen- concert door het Leonkoro Quartet op woensdag. Ook het in 2019 in Berlijn opgerichte Leonkoro Quartet, dat in 2022 de Wigmore Hall International String Quartet Competition won, behoort tot de top van de jongere generatie strijkkwartetten, niet in de laatste plaats vanwege de natuurlijke muzikaliteit van de musici, hun rijpe analytische inzicht, hun felle betrokkenheid en hun integere, verfijnde speelwijze. Clara zou zeker gesmolten zijn door de tedere, lieflijke en hartstochtelijke manier waaop zij Schumanns liefde voor haar verklankten. In de Hal van het Muziekgebouw gaf Ensemble Klang met het Karski Quartet en het uit blinde zangers bestaande Oorzaak Koor een voorproefje van een bijzonder programma rond het thema kleur, dat in de eerstvolgende Strijkkwartet Biënnale in 2028 officieel zal worden geprogrammeerd.

 

 

Wat betekent kleur als je blind bent, welke associaties wekt het fenomeen dat je niet direct kan waarnemen dan in je op? Met gedichten en teksten over de kleur blauw en het bijzondere kleurgebruik van de schilder Paul Cézanne werden liederen rondom dit thema literair omlijst, waarbij een ontroerende lezing van Weberns donkerrode Langsamer Satz voor strijkkwartet uit 1905 het muzikale hoogtepunt vormde. To be continued….

Wenneke Savenije

 

Luister naar strijkkwartetten en lees erover in de huiskamer van Jean-Paul Ditmarsch in de aankomsthal!

 

Info & Tickets:

De Strijkkwartet Biennale duurt nog t/m zaterdag 31 januari, zie https://sqba.nl/programma/ en de website van het Muziekgebouw aan ’t IJ: https://www.muziekgebouw.nl

You May Also Like

Levendige Petroesjka bij VU-orkest

KCO subliem in Wagner en Respighi

BRUCKNER BIJ NNO: FØRR EVIGHETEN

Pianist Alexander Kashpurin wint Liszt Pianoconcours op imponerende wijze