Briljant Nederlands Kamerkoor in de Fins-Oegrische Koortraditie

Zingdag, Vespers van de Toendra. Gehoord: 7 maart 2026, Oosterpoort, Groningen

Door Dirk Meijer

 

Zingdag

Rond een uur of vijf zaterdagmiddag kwam ik aan bij de Oosterpoort in Groningen. Het Nederlands Kamerkoor had een zingdag georganiseerd voor amateurkoorzangers rondom het Requiem van Maurice Duruflé (1902 – 1986). Hoewel ik voor het avondconcert kwam bleek men net toe te zijn aan het afsluitende concert van deze ‘Zingdag’, dus neem je dat dan ook nog maar even mee, niet om te recenseren, maar gewoon als liefhebber van mooie koormuziek, al hoewel: de versie van dit werk voor koor en groot symfonieorkest heeft mij nooit zo kunnen bekoren, die met koor met begeleiding van orgel echter des te meer. Gelukkig dat, alleen natuurlijk al uit praktische overwegingen, daarvoor werd gekozen. Het is een heel goede zaak dat het Nederlands Kamerkoor zich niet alleen opwerpt om heel mooie koormuziek te laten horen maar dat het zich ook actief wil bezighouden met de vele amateurzangers, die Nederland rijk is!

 

 

Vigilia

Maar goed, ik kwam dus eigenlijk voor het avondconcert, een uitvoering van het zelden live te beluisteren Vigilia van Einojuhani Rautavaara (1928 – 2016) uit Finland, omgedoopt door het koor tot Vespers van de Toendra.

Voordat ik hier nader op inga, neem ik u eerst mee naar twee persoonlijke voorvallen uit mijn verleden.

Tijdens mijn middelbareschooltijd kocht ik eens voor een paar gulden bij V&D (het voormalige Vroom en Dreesman warenhuis) een langspeelplaat met daarop à capella koormuziek van Johannes Brahms en Jean Sibilius uit Finland. Van laatstgenoemde viel o.a. beide versies van Rakastava (de Minnaar) op. 14 te beluisteren, voor mannenkoor en voor gemengd koor). Ik heb vaak, soms liggend op mijn bed, hiernaar geluisterd, ik geloof dat ik de LP grijsgedraaid heb. Ik was met name verbaasd over de versie voor mannenkoor; wat een prachtige, haast reciterende diep klinkende en resonerende mannenstemmen, en dan dat Fins, waar ik (toen) maar niets van begreep!

Even na mijn studie aan het Conservatorium deed ik eens mee aan een fagotauditie in Oslo. Helaas, ik won niet, maar ’s avonds was er in de Dom een uitvoering van de Matthäus Passion (van Bach). Terwijl de sneeuwvlokken naar beneden dwarrelden liep ik naar de kerk om te kijken of er nog ergens een kaartje te bemachtigen viel. En ja, ik mocht naar binnen. Zelden heb ik een evangelist (Christoph Pregardien) zulke bevlogen recitatieven horen uitvoeren als die avond (en heb ik Aus Liebe zo intens horen uitvoeren door sopraan Marianne Hirsti). Deze uitvoering staat nog altijd op mijn netvlies gegrift.

Waarom deze twee anekdotes, zult u denken? Wel, later ben ik erachter gekomen dat, om te beginnen, er in Finland een diepgewortelde koortraditie bestaat, waarin het mannenkoor vaak een heel bijzondere plaats inneemt. Zelden is in één land ook zo veel hoogstaande literatuur daarvoor geschreven.

 

 

Mannenkoor in Finland

Het mannenkoor speelde een cruciale rol in de negentiende eeuw in de verspreiding van de Finse taal en cultuur. Voor Jean Sibelius (en Frederik Pacius) had Elias Lönnrot, de samensteller van het beroemde heldenepos de Kalevala, de rol van Onze Lieve Heer ingenomen. En zo verschenen het hierboven genoemde ‘Rakastava’ en o.a. de Kullervo Symfonie. Deze schreef Sibelius nog voor zijn eerste (orkest) symfonie en ontstond uit een passie voor de Finse mythologie en mondeling overgeleverde volksmuziek, die hij in 1891 in Karelië hoorde.  Het is geschreven voor groot symfonieorkest, mannenkoor en solisten en vertelt het tragische verhaal van Kullervo, een figuur die zijn eigen zus verleidt, wat uiteindelijk leidt tot zelfmoord en de ondergang van zijn familie.

Ga ik terug naar de Noorse hoofdstad Oslo en naar de haast declamerende recitatieven van Bach. Als je goed luistert naar de werken die ontstonden uit de Finse koortraditie hoor je veel reciterende stemmen, die gezamenlijk het verhaal vertellen. De Finse volksmuziek kenmerkt zich door een vaak wat monotoon, recitatiefachtig karakter met een op zich beperkte melodische omvang, en zoals al gememoreerd is deze vaak gebaseerd op de teksten uit de Kalevala. De volksmuziek zelf stamt al vanuit de prehistorie van de Fins- Oegrische volken. Het lijkt veel op de natuurlijke spreekstemmen: het ritme van de muziek wordt bepaald door de klemtonen van de Finse taal.

 

 

Muziek van de toendra

De muziek die het Nederlands Kamerkoor ten gehore bracht is grotendeels gebaseerd op bijna recitatieven, declamaties en spreekstemachtige momenten, die worden gekleurd tot achtstemmige akkoorden of tot organische klankclusters. Juist omdat alle ballast van overbodige versieringen wordt weggelaten, klinkt de muziek puur en voel je de grootse, soms verlaten bijna toendra-achtige landschappen ontstaan. In deze werken uit de Finse koortraditie, ook in composities van twintigste-eeuwse componisten als Tauno Marttinen (1912 – 2008), Veljo Tormis (1930 – 2017), ook al was hij Ests) en dus Rautavaara komen zeker ook moderne stijlelementen voor, maar altijd ten dienste staand van en geïntegreerd in de tekst. Zo kan een glissando dienen als ‘opvulling’ van een octaafsprong en kan een fluisterend koor een bepaalde tekst een extra dimensie meegeven. Ondanks deze vernieuwende elementen ligt de basis binnen de traditionele orde en moeten we wat de oorsprong betreft ver terug in de tijd. Compleet anders dan bij Rachmaninoff, die ook de Vespers uit de Russisch-Orthodoxe Kerk heeft getoonzet, maat verder qua uitdrukking diametraal staand op zijn collega uit Finland; het klinkt veel theatraler en eigenlijk bestaat er verder geen enkele wezenlijke overeenkomst.

 

 

 

Bezinnen en genieten

Eerst een groot compliment aan het Nederlands Kamerkoor en chef-dirigent Peter Dijkstra.  Ondanks dat de teksten voor de luisteraar waren bijgevoegd, had men zich enorm verdiept in de Finse taal. Alles was verstaanbaar en viel moeiteloos te volgen en als je het tekstboekje even niet paraat had, voelde je de inhoud als het ware in je opborrelen.
Er was een perfecte balans tussen de koorstemmen onderling en dat maakte deze uitvoering tot een moment van bezinning en tot puur genieten. Onder de zo ongeveer 350 aanwezigen in de Grote Zaal kon je dan ook een speld horen vallen.

In de muzikale inhoud hebben de mannenstemmen een zeer prominente rol, en dan kun je niet om Zigmärs Grasis heen. Wat heeft hij de beschikking over een ongelofelijk laag gaand en indrukwekkend timbre, waarmee hij, zelfs tot in het diepste der diepten nog een kleurschakering weet te bewerkstelligen……, maar dat past wel weer volledig in de Finse koortraditie.

De opdracht tot het schrijven van de Vigilia kreeg Rautavaara van het bestuur zowel het Helsinki Festival als dat van de Uspenski Kathedraal (het hoofd van de Fins Orthodoxe Kerk) in 1971.  De complete titel werd Koko-öinen vigilia (‘Nachtwake voor de hele nacht’), dus kortweg Vigilia genoemd Het werk bestaat uit twee delen, waarin hij de avondrituelen, Vespers, ‘Ehtoopalvelus’ combineert met de ochtendrituelen, metten ‘Aamupalvelus’.

 

De Uspenski Kathedraal in Helsinki waar ‘Vigilia’ zijn première beleefde

                       

Mystiek

Bijzonder: Sibelius was vrijmetselaar en heeft eigenlijk nooit echt religieuze muziek gecomponeerd; voor hem was, zoals gezegd Elias Lönrot (1802 – 1884), samensteller van de Kalevala, zijn hogere macht terwijl Marttinen en Rautavaara zich meer mystici voelden en zonder dat beiden fervente kerkgangers waren verschillende indrukwekkende religieuze werken aan het papier hebben toevertrouwd.

De Vespers zijn donkerder gekleurd, en zijn mystieker ingetogener en klinken nog meditatiever, mede door het veelvuldig gebruik van de diepe bas. Hoogtepunt daaruit is het Avondgezang (‘Hemels,, Heilig Licht van de Zalige rust, van de Christelijke Vader. In de schemering bij het ondergaan van de zon aanbidden we zingend God,’ etc…)

De metten bloeien meer op, klinken over het algemeen optimistischer en hier is de rol van het vrouwenkoor groter en belangrijker. Momenten van vreugde klinken door in de Hymne van de wederopstanding, met een solo voor sopraan. Zo werkt de componist gestadig naar het hoogtepunt van de compositie: ‘Aan onze Vader, de meest heilige patriarch, en aan de zeer gezegende Aartsbisschop van Karelië en van geheel Finland. En aan de zeer gezegende Vader in Helsinki, de metropolieten aan de broeders van diens heilige tempel en aan alle gemeenteleden en aan alle rechtgelovigen; geef Heer een lang leven en bescherm hen.’

Dirk Meijer

 

Info:

Mensen die dit koorwerk live willen beleven, kunnen donderdagavond nog naar de Grote of St. Larenskerk te Alkmaar (aanvang 20.15 uur) en aanstaande zondag naar Amsterdam, naar het Muziekgebouw aan het IJ, aanvang 14.15 uur. Meer dan aanbevolen!

You May Also Like

Zuidams Orewoet overtuigt maar deels

Jörg Widmann dirigeert spectaculaire Zevende Beethoven in NTR ZaterdagMatinee

Die Passagierin bij DNO indrukwekkend en muzikaal hoogstaand

Genieten van Beethoven en Stravinsky bij het NNO