Julia Hagen is geboren voor de cello

Concertgebouworkest Young o.l.v. Elim Chan, m.m.v. Julia Hagen, cello. Ogonek: Moondog, Elgar Celloconcert in e, op. 85. Sjostakvitsj: Symfonie nr. 5 in d, op. 37. Gehoord: 18 augustus 2025, Concertgebouw, Amsterdam

Door Wenneke Savenije

 

Moondog

Wie heeft er ooit gehoord van het begrip ‘moondog’? Het betreft een optisch verschijnsel, waarbij er een soort halo of lichtkring rond de maan ontstaat, die veroorzaakt wordt door ijsdeeltjes die het licht breken. De Amerikaanse componiste Eliszabeth Ogonek (1989) gebruikte dit verschijnsel in 2023 in haar stuk Moondog als een muzikale metafoor voor het mysterieuze effect van de nachtelijke atmosfeer. Volgens Amerikaanse critici laat haar muzikale stijl zich omschrijven als shimmering, dramatic, and painstakingly crafted (Chicago Tribune) en elusive and wondrous (San Francisco Chronicle). Dat bleek ook voor het voortvarend door Elim Chan gedirigeerde en suggestief en kleurrijk door het Concertgebouworkest Young gespeelde Moondog uit 2023 een goede karakterisering. Zelf zegt Ogonek dat ze zich heeft laten beïnvloeden door o.a. Stravinsky, Debussy en Sibelius, maar dat was niet echt uit haar stuk af te leiden. Eerder had haar muziek iets cinematografisch en poëtisch. De strijkers vergleden in wazige muren van toonclusters, waarop de klarinet het hoofdthema introduceerde, gevolgd door dialogen tussen piano en harp.  Even sprongen de strijkers over op felle pizzicato-ritmes, om dan weer weg te glijden in dromerige klanken. Ogonek koos voor een rijke instrumentatie met houtblazers, vier hoors en percussi, die vooral dienstdeed als kleurenpalet. Van tevoren had ik niet gelezen waar Moondog over ging, maar het stuk riep wel spontaan beelden bij me op uit de kosmos, niet in de laatste plaats door de sfeervole manier waarop het werd gespeeld, al stond de energieke Elim Chan er wat ongrijpbaar bij te dirgeren. Ze slaat niet op de slag of er net een fractie voor, maar meer ‘uit de slag’ en beweegt ogenschijnlijk exact gelijk met het orkest, zodat je niet goed weet wie nu wie volgt, ook al omdat je haar zelden een passage ziet voorbereiden met haar hand- en armbewegingen. Hoe dan ook, het klinkende resultaat wekte daadwerkelijk de indruk van een atmosferisch natuurfenomeen. De programmering van de Vriendenloterij Zomerconcerten leunt op de sandwichformule, waarbij het openingswerk bijna verplicht hedendaags is. Daarna volgt steevast een geliefd soloconcert, waarop wordt afgesloten met een bekend orkestwerk. Ogoneks moderne werk wekte geen weerstand op en smaakte naar meer.

 

 

Elgars oproep aan de mensheid

En toen daalde Julia Hagen (1995) met haar kostbare Ruggieri cello uit 1684 de rode trappen af om Elgars Celloconcert te gaan spelen. De introductie klonk mooi maar nog een tikkeltje onrvij, maar al snel kwam de muziek tot leven. Hagen viel volledig samen met haar cello en de altijd weer aangrijpende noten van Elgar, waaraan ze met integere zeggingskracht inhoud verleende. Bloedmuzikaal, wijs, diepzinnig, nobel en met veel rust en ruimte om haar fraseringen te laten te ademen, afwisselend intiem of juist fel en intens, met nu eens een weemoedig zingende en dan weer een donker gloeiende toonvorming. Hagen musiceerde uitgebalanceerd, fijnzinnig en doorleefd, met zo’n natuurlijke gratie, dat ze in haar vorige leven ook cello moet hebben gespeeld. In dit leven werd ze geboren in Salzburg, waar ze zich als peuter graag verstopte in de cellokist van haar vader Clemens Hagen, cellist van het befaamde Hagen Quartet. Haar moeder is altvioliste, die samen met haar vader speelde in het in 2003 door Claudio Abbado opgerichte Lucerne Festival Orchestra. Zo was ze van jongs af aan omringd door muziek.  Hagens belangrijkste leraar Heinrich Schiff, die ook de leraar van haar vader was, leerde haar op haar cello te zingen én ‘spreken’, waarbij het zoeken naar een optimale balans tussen de muzikale structuur en persoonlijke vrijheid voorop moest staan. Dat heeft Hagen goed begrepen, want elke frase borrelde op uit een organische verbinding tussen Elgars droefgeestige noten en de reflectie daarop van haar eigen gemoed, zodat ze haar unieke persoonlijke verhaal vertelde in de zwaarmoedige geest van de componist die, teleurgesteld over de verscheurde wereld waarin hij leefde vlak na de Eerste Wereldoorlog, in dit concert uiting gaf aan zijn verdriet en verlangen naar schoonheid. Hagens volle cellotoon klonk warm, diepgravend en bezonken, haar gestroomlijnde interpretatie was volkomen oprecht en sprak rechtstreeks tot het hart. Dat Hagen al ervaring heeft opgedaan met toporkesten als de Wiener Symphoniker was af te lezen aan het gemak en het vertrouwen waarmee ze de dialoog aanging met het dynamisch musicerende Concertgeboworkest Young, dat op haar beurt uitblonk in verzorgd en empathisch samenspel, wat leidde tot een opvallend mooi orkestpalet in warme aardetinten. Ook nu weer was de rol van Chan me niet helemaal duidelijk, maar hoe ongrijpbaar haar gestiek ook af en toe overkomt, ze wist het Concertgebouworkest Young wel op te zwepen tot uitstekende prestaties, deels met elegant wuivende arm- en handbewegingen en dan weer met hyperactieve verticale bewegingen. Zo klonk Elgars veredelde klaagzang uit 1919 ook in deze heftige tijden als een hartstochtelijke oproep aan de mensheid om tot bezinning te komen. Bij wijze van toegift speelde Hagen sereen en ingetogen de Sarabande uit de Eerste Suite voor cello solo van Bach.

 

 

Sjostakovitsj V

Na de pauze gingen Chan en het Concertgeboworkest Young helemaal los op de Vijfde symfonie in d op. 47 uit 1937 van Sjostakovitsj, die nadat zijn opera Lady Macbeth van Mtsensk (1934) op bevel van Stalin was veroordeeld als ‘chaos in plaats van muziek’ in doodsangst leefde. Hij vreesde voor zijn leven, maar was toch zo dapper om zijn Vijfde te componeren als een dubbelziznnig ‘antwoord op deze terechte kritiek’. De zelfgenoegzame sovjets stonken hier in zoverre in, dat ze de dubbele bodems van het stuk niet echt in de gaten hadden. In hun ogen was het werk een patriottisch succes, maar het publiek dat op 21 november 1937 in Leningrad de première beleefde, gespeeld door het Leningrad Philharmonic o.l.v. Yevgeny Mravinsky, had feilloos de verborgen ondertoon van tragedie, wrangheid, ironie en sarcasme in de gaten en beleefde de symfonie als een emotionele ontlading van wanhoop, angst en verdriet over de onderdrukking waaronder de Russen moesten leven. Na afloop volgde er een staande ovatie van maar liefst veertig minuten. Het heimelijke protest van Sjostakovitsj ging schuil achter dramatische contrasten in de vierdelige Vijfde symfonie: lyriek versus woeste marsritmes, schoonheid versus geweldsexplosies, geforceerd optimisme in de ‘overwinningspassages’, diepe droefheid voor de slachtoffers van Stalins terreur in het aangrijpende Largo. Juist ook door zijn dubbele lading is de Vijde een fantastische werk, dat letterlijk het leven van de componist redde en nu nog altijd tot de meest gespeelde symfonieën uit de 20e eeuw behoort.

 

 

De rauwe energie die door het stuk stroomt bleek Chan op het lijf geschreven. Ze stortte zich met hart en ziel op de dynamische materie en sleurde de jonge music van het Concertgebouworkest Young vol enthousiasme daarin mee. Al zijn de getalenteerde orkestleden met hun 14 tot 17 jaar misschien nog een beetje te jong om de hartverscheurende tragiek van deze muziek volledig te kunnen doorgronden, toch stonden alle zintuigen op scherp om het contrastrijke werk spontaan en gepassioneerd in zijn volle heftigheid de zaal in te slingeren. In de muziek is het intuïtief aanvoelen van wat de componist wil zeggen misschien nog wel belangrijker dan musicologische kennis en technisch vernuft. Juist door hun directheid slaagden de jonge orkestleden erin de geheime boodschap van Sjostakovistj helder uit te dragen, waarbij Chan nuances en accenten aandroeg, de dynamiek voor zich liet spreken, de ritmes opstuwde en de overkoepelende balans met inzicht en moederlijk overwicht bewaakte.

Wenneke Savenije

 

 Info:

https://www.concertgebouw.nl/concerten/7407105-concertgebouworkest-young-met-sjostakovitsj-en-elgar

You May Also Like

Stormachtige applaus voor altist Tamestit en KCO

Spannende muziek in Muziekgebouw aan ’t IJ

Louis Andriessens De Materie op orkaankracht

Horen en zien: Ensemble Klang met bedwelmende Walden van Heiner Goebbels