La cambiale di matrimonio in Pesaro: spectaculaire triomf van briljante kolder en muzikaliteit

Gioacchino Rossini: Soirèes Musicales. Vittoriana De Amicis (sopraan), Andrea Niño (mezzosopraan), Paolo Nevi (tenor), Gurgen Baveyan (bariton). Gioacchino Rossini: La cambiale di matrimonio
Filarmonica Gioachino Rossini o.l.v. Christopher Franklin. Regie: Laurence Dale. Met: Pietro Spagnoli (Tobia Mill), Paola Leoci (Fannì), Jack Swanson (Edoardo Milfort), Mattia Olivieri (Slook), Ramiro Maturana (Norton), Inés Lorans (Clarina). Gehoord: 20 augustus 2025, Teatro Rossini, Pesaro
Door Peter Schlamilch
Gioachino Rossini (1792-1868), was niet alleen een meesterlijk componist, maar ook een prominente figuur in het sociale en muzikale leven van zijn tijd, vooral tijdens zijn latere jaren in Parijs en Bologna. Hij organiseerde er talloze ‘soirées musicales’ – muzikale avonden of salons, die een essentieel onderdeel van het culturele leven in de 19e eeuw waren, waar muziek, conversatie en hoogwaardig gezelschap samenkwamen, naast uiteraard de copieuze diners (soms 12 gangen!) die Rossini serveerde, deels naar eigen receptuur. Rossini gaf veel soirées in zijn eigen huis, maar hij bezocht er ook veel bij vrienden en adel in Parijs en Italië. Na zijn zeer productieve periode als operacomponist hulde hij zich in ‘stilzwijgen’, en organiseerde dus wekelijkse soirées musicales, geïnspireerd op de Franse saloncultuur, maar met een Italiaans tintje door Rossini’s voorkeur voor opera-aria’s, duetten en improvisaties. Ze hielpen hem ook om relevant te blijven in de muziekwereld zonder nieuwe opera’s te componeren, en waren ook een bron van inkomsten en netwerken; Rossini ontving vaak royalties van zijn opera’s tijdens deze avonden.

Boventoonrijk
Rossini zelf was een bon vivant: hij hield van goed eten (hij was een culinair expert), wijn en humor. Zijn soirées waren nooit saai: ze combineerden muziek met anekdotes en gastronomie. Hij zei ooit: ‘Ik eet om te leven, maar ik leef om te eten en muziek te maken.’ Bekende gasten en artiesten waren o.a. de componist Franz Liszt, die improviseerde op piano, Rossini’s protégé’s zoals Otto Nicolai, en Hector Berlioz, die Rossini zowel bewonderde als bekritiseerde, en in zijn Mémoires (1870) de ‘magie’ van Rossini’s gastvrijheid roemt. En het is die magie die het Rossini Operafestival op gezette tijden probeert te herscheppen, zoals in het voorprogramma van de korte opera La cambiale di matrimonio, toen de jonge Aquilese sopraan Vittoriana De Amicis het spits mocht afbijten in een korte presentatie van de reeks aria’s die Rossini componeerde onder dezelfde titel: Soirées musicales. Ze deed dat met jeugdige en frisse stem, aangenaam om naar te luisteren en met grote dynamische contrasten, die me zeer konden boeien. Ondanks de lastige acoustiek in het Teatro Rossini sprankelde ze boventoonrijk van het toneel af. Ze werd gevolgd door de Italiaanse tenor Paolo Nevi, al even piepjong, die duidelijk meer moeite had met de droge acoustiek, en nogal statisch overkwam.

Geschokt
De Colombiaans mezzosopraan Andrea Niño, die erop volgde, maakte een verpletterende indruk: wat een schitterende stem – honingzoet, warm, fluwelig maar ook penetrant en altijd volstrekt zuiver en ritmisch, en met een prachtige , intelligente voordracht die de zaal compleet betoverde. Soms donker van timbre, dan weer stralend hoog: een waar genot om naar te luisteren – dat wordt een hele grote. De Armeense bariton Gurgen Baveyan deed het prima, heeft een mooie stem en zal nog beter ‘doorkomen’ als hij zich toelegt op de toonprojectie. Al met al een leuke opwarmer, maar het hoogtepunt van de avond was toch echt Rossini’s doldwaze eenakter La cambiale di matrimonio,over een huwelijk dat wordt gearrangeerd via een financiële overeenkomst, met humor, misverstanden en een vrolijke afloop, kenmerkend voor Rossini’s vroege stijl. Tobia Mill, een welgestelde maar gierige koopman, heeft een ‘huwelijkswissel’ (een soort koopcontract) ondertekend om zijn dochter Fanny te laten trouwen met Slook, een rijke maar zeer onbehouwen Canadese handelaar, in ruil voor financiële voordelen. Fanny zelf weet hier niets van en is verliefd op Edoardo Milfort (alles speelt zich af in Londen), een arme maar charmante jongeman. Als Slook enthousiast arriveert om zijn bruid te ontmoeten, zijn Fanny en Edoardo geschokt door de huwelijksplannen, maar vader Tobia houdt vast aan het contract, terwijl Edoardo probeert een oplossing te vinden. De bedienden, Norton en Clarina, steunen het jonge paar en voegen humor toe met hun commentaar.

Bedrogen, genept en belazerd
Slook, een goedhartige maar onhandige buitenlander, probeert Fanny voor zich te winnen, maar merkt al snel haar tegenstand en haar liefde voor Edoardo, terwijl Tobia probeert zijn gezag te behouden, wat leidt tot komische misverstanden. Slook, geraakt door Fanny’s en Edoardo’s oprechte liefde, besluit de huwelijkswissel te annuleren en schenkt, in een genereuze bui, een deel van zijn fortuin aan Edoardo, zodat deze financieel waardig wordt om met Fanny te trouwen. Tobia, aanvankelijk woedend, geeft uiteindelijk toe onder druk van Slook’s vrijgevigheid en de vastberadenheid van Fanny. De opera eindigt met een vrolijk ensemble waarin het huwelijk van Fanny en Edoardo wordt gevierd. De anderhalf uur die deze opera duurt zijn zo briljant en bijna geniaal gecomponeerd dat het onbegrijpelijk is dat ze in Noord-Europa zo onbekend is, maar anderzijds moet ze het wel hebben van briljante zangers die niet alleen Italiaans spreken en begrijpen, maar het ook doorvoelen. En briljant waren ze, de zangers, te beginnen met Pietro Spagnoli, die een uiterst komische Tobia Mill neerzette: aan alle kanten bedrogen, genept en belazerd, steeds onmachtig de situatie meester te worden en altijd achter de feiten aan hollend, dit alles gezongen met volle stem en een werkelijk meesterlijke voordracht, waarmee hij een ideale ‘heer des huizes’ uitbeeldde, in de aria’s maar ook in de recitatieven, die hij, net als overigens de anderen, zo volledig beheerste dat ze voorbijraasden zonder dat je er erg in had: spectaculair!

Hoogintelligent en dolkomisch
Spagnoli’s coloraturen zijn zó goed en expressief dat je (ik) eindelijk Rossini’s bedoelingen ervan begrijpt. Pietro Spagnoli kent alle internationale operahuizen als zijn broekzak, en de reden is overduidelijk: hij zingt en acteert zó meesterlijk dat je alleen maar met open mond kan zitten genieten, ware het niet dat je bijna van je stoel valt van het lachen: een ideale zanger in dit repertoire.
De Italiaanse bariton Mattia Olivieri kent diezelfde operatheaters niet minder goed, en zijn Slook deed dan ook niet onder aan de prestaties van zijn tegenspeler: ook Olivieri zingt voluit, in een Italiaans dat je alle finesses doet begrijpen en met een draagkracht die elke tegenwerping omver buldert. Hoogintelligent en dolkomisch, precies wat de rol verlangt en ook hij is daarmee ideaal bezet. De Chileense bariton Ramiro Maturana zong een uitstekende Norton en ook zijn geliefde Fannì, de Pugliese sopraan Paola Leoci, klonk prachtig, hoewel haar stem misschien net klein was voor de lastige acoustiek.

Politiek statement
Het orkest onder Christopher Franklin stond zijn mannetje: uitstekende tempi en prima begeleidend, hoewel de orkestklank natuurlijk niet kon tippen aan die van de Bolgnesi, die ik de avond ervoor nog in Zelmira hoorde. De regie was briljant en vindingrijk en het publiek barstte geregeld uit in applaus of de slappe lach – een geweldig spektakel, en toen er nog ook nog een loslopende beer ging deelnemen aan de handeling en bijna elke aria ging becommentariëren, was het hek helemaal van de dam: de voorstelling kreeg vleugels die niet meer wilden ophouden met vliegen. Enige domper was het laten zakken, tijdens het slotapplaus, van een enorme buitenlandse vlag om een politiek statement te maken – naar later bleek een privé-actie van een theaterknecht die niets met het festival (dat zich van de actie distantieerde) te maken had. Het publiek reageerde furieus, riep luid ‘boe’ en bleef op nog lang woedend op straat achter, stevig discussiërend, zoals alleen Italianen dat kunnen. Alles van waarde is weerloos, zo weten ook demonstranten tegenwoordig maar al te goed, maar deze avond nam niemand ons meer af, en zal gaan behoren tot een van de mooiste uit mijn herinnering.
Peter Schlamilch

Info:
https://www.rossinioperafestival.it/archivio/anno-2025/soirees-musicales-la-cambiale-di-matrimonio/