The Big Sing openingsconcert – welluidend Nederlands debuut Ensemble Lyyra

Met gastoptreden van zangeressen van de Nationale Koren. Gehoord: 2 juli 2025, St. Bavokerk, Haarlem
Door: Harry-Imre Dijkstra
Recent onderzoek toonde aan, dat Nederland met 700.000 georganiseerd zingende mensen nog fier aan kop gaat in Europa. Dan is een groot internationaal zangfestival als The Big Sing, dat zich zes dagen lang hoofdzakelijk op diverse – verrassende! – locaties in Haarlem afspeelt, dus geheel op zijn plaats. Er nemen amateurkoren deel aan de zogenaamde Hofjesconcerten, muziekstudenten aan The Big Sing Summerschool en natuurlijk zijn er prominente internationale ensembles tijdens de avondconcerten te horen.
When the earth stands still
De opening van het festival mocht verzorgd worden door het Amerikaanse vrouwensextet Lyyra, dat pas sinds vorig jaar professioneel opereert maar internationaal al vele tongen heeft losgemaakt. Begin dit jaar tekende het ensemble een contract bij een bekend muzieklabel en de eerste singles zijn reeds uit.
De St. Bavokerk oogde van binnen intiemer dan je van buitenaf zou verwachten; deze avond waren de zijbeuken van de kerkruimte paars-roze uitgelicht en mocht het publiek zeer dicht op de verhoging voor het ensemble aanschuiven.
In stemmige tinten blauw, groen-met-goud en rood-bruin gekleed openden de zes zangeressen met hun bekende vocale visitekaartje When the earth stands still van Don MacDonald. Het werd een – weliswaar beduidend trager dan origineel voorgeschreven – magisch verstilde opening, die het publiek na afloop deed twijfelen wel of niet te applaudiseren. De gepolijste samenzang, souplesse en onnadrukkelijke ritmiek waren kenmerkend in dit eerste lied en deze kenmerken konden ook in het vervolg van het programma volop genoten worden. Bij het aansluitende korte werk Haec dies, 16e eeuwse muziek uit het nonnenklooster in Ferrara en toegeschreven aan prinses én non Leonora d’Este (dochter van Lucrezia Borgia), sloeg het ensemble zeer knap een volstrekt andere toon aan, om de renaissancestijl te benadrukken. Dat lukte ook in het vrolijk gebrachte Sing joyfully van William Byrd, al was de laagte van de contra-alt van zangeres Cecille Elliott opvallend aanwezig in het klanktotaal. Met de recente hit Golden hour van de jonge singer-songwriter JVKE, ofwel Jacob Dodge Lawson, waarin dezelfde Elliott subtiel en vloeiend soleerde, bewees het ensemble een poplied met het grootste gemak naar eigen hand te kunnen zetten.

Slow-swing nummers en emotie
In de tweede helft van het programma bevestigden de dames met een eigen arrangement van Billie Eilish’ nummer What was I made for? dat nog sterker. Het genereerde bovendien een zelfde ervaring als de opname die mezzo-sopraan Olivia Vermeulen een paar jaar geleden op haar album Hello Darknessvastlegde van het nummer Listen before I go van Eilish: veel inspirerender dan het origineel! Sorry, Billie…
Maar de tweede helft imponeerde voor het overige behoorlijk minder en dat kwam door het overtal aan slow-swing nummers. Uitzondering was de uitvoering van de song She van Laura Mvula, dat langs de stembanden van de zangeressen gestreken bijna als een klassiek stuk klonk. De soli, timing en prachtige opbouw van het lied maakten het tot Lyyra’s sterkste vocale prestatie van de avond. Met sopraan Anna Crumley bleek het bovendien een échte soliste in de gelederen te hebben die geleidelijk aan los kon gaan in uitstekende improvisaties, zoals in het overrompelende Blue skies van Irving Berlin, op zijn Gershwins gearrangeerd.

De avond van Lyyra ontbeerde hooguit één element: emotie. Daarvoor waren de zes jonge zangeressen van de Nationale Koren nodig: plots stonden ze halverwege het concert op en gebruikten het kerkschip ten volle in een Noors liedje dat de ruimte bijzonder liet resoneren. Bij het derde lied, de Finse traditional On suuri sun rantas – Hoe eenzaam is jouw lege kust, kwamen ze tussen het publiek dicht bij elkaar staan en ontstond er een wonderlijk pure samenklank, juist door de mooie verschillen tussen de stemmen, en wisten ze ontroering uit de eenvoud van het lied te laten opstijgen. Langzaam opzij en naar achteren weglopend, blootsvoets, ontroerde ook nog eens het natuurlijke zachter worden van de stemmen. Een geweldige bijdrage!
Harry-Imre Dijkstra