Gloedvol laatste concert van het Rietveld Ensemble op snikhete avond

Programma Vier stemmen van Oost-Europa. Muziek van Prokofiev, Janácek, Bartók en Dvorák. Rietveld Ensemble: Nancy Braithwaite, klarinet; Elisabeth Perry en Lev Bogino, viool; Richard Wolfe, altviool, Thomas Naegele, cello. Gehoord: Marnixzaal Utrecht, 28 juni 2026
Door Harry-Imre Dijkstra
Je kan het nog zo goed plannen, maar soms dient zich een onverwachte medespeler aan bij een concert. In de voormalige privékapel, tegenwoordig Marnixzaal en gebruikt door de faculteit Geesteswetenschappen van de Utrechtse Universiteit, was het de zinderende hitte die bij het prachtig geconcipiëerde kamermuziekconcert een geduchte rol meespeelde. Slechts met twee flinke ventilatoren kon de temperatuur in toom gehouden worden, wat in ieder geval de eerste helft van het concert een zoemend concert opleverde…
Opening
De Ouverture op Hebreeuwse thema’s op. 34 van Sergei Prokofiev, gespeeld door het complete gezelschap, zette gemoedelijk in, ritmisch vloeiend en niet al te nadrukkelijk. Een verfijnde uitvoering, waarbij tussen de diverse tempowisselingen soepel geschakeld werd, al moest klarinettiste Nancy Braitwhwaite vóór de versnelling naar het tweede cellothema even een muzikale spurt maken om bij te blijven. Net als bij het vorige concert (zie: https://denieuwemuze.nl/rietveld-ensemble-laat-het-publiek-kamermuziek-echt-beleven/ ) verbaast het hoe hecht dit ensemble werkt en moeiteloos de gewenste muzikale boodschap over weet te brengen. Een fijne opener derhalve.
Sprookje?
Bij het tweede werk, Leos Janáceks pohádka – Sprookje, stelde solist Matthias Naegele vooraf dat dit driedelige werkje geheel geen mooie vertelling is, maar eerder een verwijzing naar Janaceks vroeg-gestorven dochter Olga. Deze gedachte is óók juist, maar Janácek had zich wel degelijk door een Russisch sprookje laten inspireren. Dat maakte de muziek er niet minder intrigerend om. Naegele durfde het met de zeer invoelende begeleiding van pianiste Elaine Hou aan, om meer in klank en beweging te denken en niet elke noot letterlijk te laten weerklinken. Natuurlijk verdween er wel eens een toon onder de tafel, maar de warmte in de zaal was zeker van invloed. De tempi van de drie delen waren mooi op elkaar afgestemd en als geheel liet ook dit werk een aangename indruk achter. Zeker, er zitten verrassende elementen in de muziek, die Naegele niet sterk uitlichtte, maar hij had zijn alibi al verteld.
Authentieke Bartók
Trio Contrasten mag tot de standaardwerken voor de bezetting klarinet-viool-piano gerekend worden. Het publiek reageerde geamuseerd toen het te horen kreeg van Braithwaite, dat notabene klarinettist Benny Goodman een van de opdrachtgevers van de compositie was geweest. Maar voor wie de originele opname van dit werk met Goodman, violist Joseph Szigeti en Bartók aan de piano kent, was de aanvang van de leden van het Rietveld Ensemble schokkend overeenkomend: Braithwaite met hetzelfde soort snelle vloeiende vibrato, violiste Elisabeth Perry met dezelfde pittige toon en pianiste Hou met dezelfde stevige en kern-achtige toon. Maar verderop bleek dit ensemble meer te kiezen voor samenspel en meer uitgesponnen lijnen, prachtig uitgewerkt bijvoorbeeld in het langzame middendeel. Voor de finale had Perry nog een tweede, anders gestemde viool meegenomen, om het door Bartók beoogde volkse effect van meerstemmigheid op open snaren luid en duidelijk te kunnen overbrengen.
Een kraker tot slot
Met Pianokwintet nr. 2 van Antonín Dvorák haalt een ensemble zich doorgaans heel wat riskante momenten op de hals en is het altijd weer de vraag of de balans niet doorslaat naar de pianist of het strijkkwartet. Omdat de strijkers van het Rietveld Ensemble geen permanent viertal zijn, maar verzamelde uiterst ervaren kamermusici, speelde dit laatste probleem bij de uitvoering in Utrecht gelukkig geen enkele rol! Nu kon het publiek echt meegenieten van het spelplezier dat de leden hadden, waren de soli van de altviool en de cello in het langzame deel mooi individueel uitgespeeld en dansant bovendien – het is een Dumka! Met een goed gedoseerde finale, die voor de verandering eens niet over de kop werd gespeeld, werd het gemoed verwarmd en de avond mooi tot een eind gebracht.
Voor volgend seizoen staan alweer tien nieuwe programma’s op de rol, een serie die weinig concurrentie ondervindt wat betreft muzieksamenstelling. Eerstvolgend concert: zondagavond september, 19.30 uur.
Meer bijzonderheden, zie: www.rietveld-ensemble.com